wetzoeker

Artikel 10 Wet kiescollege niet-ingezetenen

Het kiescollege

Alvorens hun functie te kunnen uitoefenen, leggen de leden van het kiescollege in de vergadering, in handen van de voorzitter, de volgende eed (verklaring en belofte) af:

«Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van het kiescollege benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.

Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.

Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van het kiescollege naar eer en geweten zal vervullen.

Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!»

(Dat verklaar en beloof ik!»)

Regeling
Wet kiescollege niet-ingezetenen
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2023
BWB-id
BWBR0047384
Versie
2023-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl