wetzoeker

Artikel 33 Wet vrachtwagenheffing

Slotbepalingen

1 Onze Minister kan met het oog op de verkeersveiligheid, de bereikbaarheid of de toestand van de fysieke leefomgeving in spoedeisende gevallen die zijn ontstaan als gevolg van de vrachtwagenheffing, bij ministeriële regeling wegvakken aanwijzen waarvoor het tarief, bedoeld in artikel 5, eerste lid, komt te gelden of wegvakken die zijn opgenomen in de bijlage aanwijzen waarvoor in afwijking van artikel 5, eerste lid, een tarief van € 0,00 komt te gelden.

2 De ministeriële regeling wordt niet eerder vastgesteld dan na overleg met de wegbeheerder. De ministeriële regeling treedt uiterlijk acht weken na de plaatsing ervan in de Staatscourant in werking.

3 Na plaatsing in de Staatscourant van een krachtens het eerste lid vastgestelde ministeriële regeling wordt een voorstel van wet tot regeling van het betrokken onderwerp zo spoedig mogelijk bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal ingediend. Als een voorstel wordt ingetrokken of als een van de beide Kamers der Staten-Generaal besluit het voorstel niet aan te nemen, wordt de ministeriële regeling onmiddellijk ingetrokken. Wordt het voorstel tot wet verheven, dan wordt de ministeriële regeling ingetrokken op het tijdstip van inwerkingtreding van die wet.

Regeling
Wet vrachtwagenheffing
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0047082
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl