wetzoeker

Artikel 7 Mandaatbesluit Raad voor de Kinderbescherming 2022

1 De uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden geschiedt met inachtneming van het meest recente Kwaliteitskader van de Raad voor de Kinderbescherming en de van dit mandaatbesluit deel uitmakende mandaatinstructie.

2 De houders van een mandaat stellen het directielid, respectievelijk de algemeen directeur in kennis van krachtens mandaat te nemen of reeds genomen beslissingen, respectievelijk te verrichten of verrichte handelingen waarvan moet worden aangenomen dat kennisneming door het directielid, of de algemeen directeur gewenst is. Hier is in ieder geval sprake van als de houder van het mandaat het noodzakelijk acht af te wijken van de vastgestelde richtlijnen, beleidsregels en dergelijke.

3 Het niet voldoen aan de in het tweede lid omschreven terugkoppelingsplicht doet niet af aan de rechtsgeldigheid van de krachtens mandaat genomen beslissing of verrichte handeling.

Regeling
Mandaatbesluit Raad voor de Kinderbescherming 2022
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
27-07-2022
BWB-id
BWBR0046969
Versie
2022-07-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl