wetzoeker

I — Aan de functie te relateren verdenkingen van misdrijven, gepleegd door: Aanwijzing taken en inzet rijksrecherche

Aan de functie te relateren verdenkingen van misdrijven, gepleegd door:

– opsporingsambtenaren;

– functionarissen werkzaam bij het Openbaar Ministerie;

– functionarissen werkzaam bij een met rechtspraak belaste instantie;

– politieke en bestuurlijke ambtsdragers.

2 Bijvoorbeeld burgemeesters, gedeputeerden, gemeenteraadsleden, hogere ambtenaren van de centrale overheid en decentrale overheden, zoals kabinetschefs en gemeentesecretarissen. Ten aanzien van leden van de Staten-Generaal en ten aanzien van bewindspersonen geldt een afzonderlijk protocol (Stcrt. 2018, 3803).

Toelichting:

In deze gevallen is zonder meer de integriteit van de rechtspleging en het openbaar bestuur in het geding. Dat komt niet alleen door de functie van de betreffende overheidsfunctionaris, maar ook door het verband tussen de functie en het (mogelijke) strafbare feit. Concreet kan worden gedacht aan schending van het staatsgeheim (art. 98 Sr), corruptie bij de politie, de rechterlijke macht en het openbaar bestuur (artt. 363 en 364 Sr), het opmaken van een vals proces-verbaal (art. 207 Sr), schending van het ambtsgeheim / lekken van informatie (art. 272 Sr) of het verduisteren van inbeslaggenomen goederen (artt. 321 en 322 Sr).

Regeling
Aanwijzing taken en inzet rijksrecherche
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-07-2022
BWB-id
BWBR0046819
Versie
2022-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl