wetzoeker

3.1 — Ordelijkheid en controleerbaarheid Model jaarverslaggeving CAK bestuurlijke verantwoording 2021

Ordelijkheid en controleerbaarheid

De Raad van Bestuur van het CAK beschrijft in het onderdeel ordelijkheid en controleerbaarheid van het financieel beheer (onderdeel b van de andere informatie) de organisatorische maatregelen die gedurende het jaar bij het CAK hebben gefunctioneerd om de rechtmatige en doelmatige uitvoering van de wettelijke regelingen te borgen. In dit onderdeel moet het CAK in elk geval aan de volgende zes punten aandacht besteden:

1. het gevoerde beleid;

2. naleving van de wet- en regelgeving;

3. de administratieve organisatie en interne beheersing;

4. de geautomatiseerde gegevensverwerking;

5. de bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik;

6. de tijdige afstorting van ontvangen gelden.

7. de invulling van de doelmatigheid

De uitwerking van deze onderdelen richt zich bij de bestuurlijke verantwoording op de uitvoering van de wettelijke taken. De wijze waarop de Raad van Bestuur van het CAK zich verantwoordt, is in vormvrij. Als enige voorwaarde geldt dat in ieder geval afzonderlijk wordt ingegaan op de hieronder genoemde zeven punten.

Ad 1: het gevoerde beleid

Hierbij besteedt het CAK aandacht aan:

− het gevoerde en voorgenomen beleid;

− de doeltreffendheid van het beleid en de bedrijfsvoering;

− de invloed van het gevoerde beleid.

Ad 2: naleving van de wet- en regelgeving

Hierbij besteedt het CAK aandacht aan:

− het volledig, juist en tijdig toepassen van geldende wet- en regelgeving in het verslagjaar;

− de wijze waarop het onderhoud van procedurebeschrijvingen en werkinstructies plaatsvindt naar aanleiding van wijzigingen in geldende wet- en regelgeving.

Ad 3: de administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB)

Hierbij besteedt het CAK aandacht aan:

− de maatregelen die zijn getroffen om de rechtmatigheid van de financiële stromen van de wettelijke taken te waarborgen;

− de actualiteit van de procesbeschrijvingen per regeling en de koppeling tussen de procesbeschrijvingen en de werkprogramma’s;

− de maatregelen die zijn genomen in het kader van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Baseline Informatiebeveiliging Rijksdienst (BIR);

− de voorzieningen die het CAK heeft getroffen waardoor personen en instellingen, die met het CAK in aanraking komen in verband met de uitvoering van de taak van het CAK, in de gelegenheid zijn voorstellen tot verbetering van werkwijzen en procedures te doen;

− de wijze waarop de zorgvuldige behandeling van enerzijds personen en instellingen en anderzijds bezwaarschriften en klachten is gewaarborgd;

− de wijze waarop het risicomanagementsysteem en de interne beheersstructuur is ingericht en in hoeverre de interne beheersmaatregelen gedurende het jaar hebben gewerkt. Met daarbij een expliciete toelichting van belangrijke actuele zaken, risico’s en knelpunten in de uitvoering;

− de belangrijkste uitkomsten van de interne controles en intern uitgevoerd toezicht en de vervolgacties die op basis van de uitkomsten van deze controles zijn genomen;

− de wijze waarop de betrouwbaarheid en de continuïteit van de managementinformatie voor de algehele besluitvorming en de interne en externe financiële verantwoording is gewaarborgd.

Ad 4: de geautomatiseerde gegevensverwerking

Hierbij besteedt het CAK aandacht aan:

− de mate waarin in de applicaties geprogrammeerde controles – application controls – zijn opgenomen die de juiste uitvoering van de taken van het CAK garanderen, de continue werking hiervan en de mate waarin het CAK steunt op deze controles;

− de opzet, het bestaan en de werking van de maatregelen om de bedrijfscontinuïteit van de geautomatiseerde systemen te waarborgen;

− de opzet, het bestaan en de werking van de maatregelen voor de toegangsbeveiliging van de geautomatiseerde systemen;

− de opzet, het bestaan en de werking van de maatregelen voor change management van de geautomatiseerde systemen;

− de belangrijkste uitkomsten van de uitgevoerde IT-audits naar de opzet, het bestaan en de werking en de vervolgacties die op basis van de uitkomsten van deze controles zijn genomen.

Ad 5: de bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik

Hierbij besteedt het CAK aandacht aan:

− de hoofdlijnen van het beleid ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik;

− de onderzoeken die in het verslagjaar hebben plaatsgevonden, de aard van de fraude (interne of externe fraude) en tot welke resultaten en verbeteracties deze zaken geleid hebben.

Ad 6: de tijdige afstorting van ontvangen gelden

Hierbij besteedt het CAK aandacht aan:

− de gemaakte afspraken met de fondsbeheerder, gemeenten en het Ministerie van VWS over het tijdig afstorten van gelden;

− de opzet, het bestaan en de werking van de mitigerende maatregelen die garanderen dat de ontvangen gelden tijdig worden afgestort aan onder andere de gemeenten, de fondsbeheerder en het Ministerie van VWS;

− de belangrijkste uitkomsten van het intern uitgevoerd toezicht op de opzet, het bestaan en de werking van de mitigerende maatregelen en de vervolgacties die op basis van de uitkomsten van deze controles zijn genomen.

Ad 7: de invulling van doelmatigheid

De NZa is op grond van artikel 16 sub d en f van de Wmg belast met de toezichtstaak om een oordeel te geven bij de rechtmatige en doelmatige uitvoering van de wettelijke taken van de Wlz en Wmo door het CAK. Om die reden wordt aan het CAK gevraagd om zich ook te verantwoorden over de doelmatige uitvoering van die wettelijke taken.

Het Ministerie van VWS heeft op grond van de Regeling bezoldiging en beheerskosten zelfstandige bestuursorganen VWS 2018 en de Kaderwet ZBO’s eigen sturingsinstrumenten en -mechanismen en eigen informatieverstrekking om hun oordeel te vormen bij de (doeltreffendheid en) doelmatigheid van het CAK. Dit betreft onder meer de financiering van de beheerskosten, waarbij het CAK jaarlijks een begroting aan het Ministerie van VWS dient te overleggen.

Een uitspraak over de doelmatigheid van de uitvoering van de wettelijke taken door het CAK geeft een aanduiding weer over de verhouding tussen de ingezette middelen en de geleverde prestaties bij de uitvoering van de wettelijke taken door het CAK. De meerwaarde hiervan ligt in een beter inzicht op het doelmatig functioneren van het CAK en op eventuele verbetermogelijkheden.

Momenteel is er in dit model nog geen normenkader vastgesteld waarin wordt gedefinieerd wanneer er sprake is van doelmatige uitvoering van de wettelijke taken, noch is het expliciet gemaakt hoe de doelmatige uitvoering zou kunnen worden vergroot door het CAK. Ook intern heeft het CAK nog weinig sturingsinformatie op het gebied van doelmatigheid. Wel kan het CAK een aantal prestatie-indicatoren en kengetallen toekennen aan het doelmatigheidsbegrip. Het Ministerie van VWS en de NZa zullen in samenspraak met het CAK moeten toewerken naar een normenkader, dat het mogelijk maakt om naast kwalitatieve uitspraken ook stellige kwantitatieve uitspraken te doen over de verhouding tussen de ingezette middelen en de geleverde prestaties bij de uitvoering van de wettelijke taken door het CAK.

In de tussentijd verwacht de NZa dat het CAK in de bestuurlijke verantwoording 2021 in een vrij format een beschrijving geeft van relevante aspecten op dit aandachtsgebied van de doelmatigheid. Het CAK verantwoordt zich over de doelmatige uitvoering van de wettelijke taken in een afzonderlijk deel van de bestuurlijke verantwoording 2021 als onderdeel van de andere informatie.

De NZa let in het toezichtsonderzoek vooralsnog op doelmatigheidsaspecten waarbij de optimalisatie (het mogelijk efficiënter kunnen uitvoeren) van de uitvoeringsprocessen en werkwijzen in het belang is van de cliënten, de zorgaanbieders, de betrokken ketenpartijen of de fondsen.

Regeling
Model jaarverslaggeving CAK bestuurlijke verantwoording 2021
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
28-06-2022
BWB-id
BWBR0046811
Versie
2022-06-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl