wetzoeker

Artikel 25 Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022

Verantwoording andere overheden en vaststelling specifieke uitkering

1 De minister stelt de specifieke uitkering uiterlijk op 31 december van het jaar waarop de desbetreffende eindverantwoording, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet, is ontvangen, vast op het bedrag dat is bepaald in de verlening indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend geheel zijn verricht en daarnaast volledig is voldaan aan de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in artikel 11, 17, respectievelijk 22, en aan de verplichting, bedoeld in artikel 12 respectievelijk 18.

2 De minister stelt de specifieke uitkering vast op een lager bedrag dan is bepaald in de verleningsbeschikking indien de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend, niet of niet geheel hebben plaatsgevonden conform de bestedingsvoorwaarden, bedoeld in artikel 11, 17, respectievelijk artikel 22 en de verplichting, bedoeld in artikel 12 respectievelijk 18.

Regeling
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
04-05-2024
BWB-id
BWBR0046602
Versie
2024-05-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl