wetzoeker

Artikel 2c Uitvoeringsregeling cyberbeveiligingsverordening

Een certificeringsinstantie die op grond van uitvoeringsverordening (EU) 2024/482 bevoegd is om een certificaat af te geven, en een ITSEF die op grond van uitvoeringsverordening (EU) 2024/482 bevoegd is om een evaluatie uit te voeren, verstrekken ten behoeve van de kennisgeving, bedoeld in artikel 23, respectievelijk artikel 24 van uitvoeringsverordening (EU) 2024/482, aan Onze Minister de volgende informatie middels een door Onze Minister beschikbaar gesteld middel:

a. de naam en het adres van de certificeringsinstantie respectievelijk de ITSEF;

b. het zekerheidsniveau of de zekerheidsniveaus waarvoor de certificeringsinstantie bevoegd is om EUCC-certificaten af te geven, respectievelijk waarvoor de ITSEF bevoegd is om een evaluatie uit te voeren;

c. de datum van de accreditatie;

d. het referentienummer van de accreditatie;

e. het toepassingsgebied en de geldigheidsduur van de accreditatie;

f. het adres van, de locatie van en de link naar de relevante website van de nationale accreditatie-instantie;

g. indien van toepassing:

i. de datum van de autorisatie;

ii. het referentienummer van de autorisatie;

iii. de geldigheidsduur van de autorisatie;

iv. het toepassingsgebied van de autorisatie, met inbegrip van het hoogste AVA_VAN-niveau en, indien van toepassing, de betreffende technische domeinen.

Regeling
Uitvoeringsregeling cyberbeveiligingsverordening
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
18-02-2026
BWB-id
BWBR0046502
Versie
2026-02-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl