wetzoeker

Wijzigingsregeling Regeling melding Wet arbeid vreemdelingen tijdelijke vrijstelling tewerkstellingsvergunningsplicht (Uitvoeringsbesluit Raad tot vaststelling bestaan massale toestroom ontheemden uit Oekraïne (artikel 5 Richtlijn 2001/55/EG) en invoering van tijdelijke bescherming)

Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 29 maart 2022, 2022-0000085867, tot wijziging van de Regeling melding Wet arbeid vreemdelingen in verband met de tijdelijke vrijstelling van de tewerkstellingsvergunningsplicht, gelet op het Uitvoeringsbesluit van de Raad tot vaststelling van het bestaan van een massale toestroom van ontheemden uit Oekraïne in de zin van artikel 5 van Richtlijn 2001/55/EG van de Raad van 20 juli 2001, en tot invoering van tijdelijke bescherming naar aanleiding daarvan

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2022
Rechtsgebied
Arbeidsrecht, Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht, Migratierecht, Vreemdelingenrecht
Ministerie
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
BWB-id
BWBR0046492
Versie
2022-04-01_0
SHA-256 bron
d8a1300ab0591e09bef9cdae95642c813cdbb0f5f3d60ad7145b633139da4c62

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (3)
  1. Artikel I
  2. Artikel II
  3. Artikel III

Artikel I

Wijzigt de Regeling melding Wet arbeid vreemdelingen.

Artikel II

Een melding op grond van artikel 2a van de Wet arbeid vreemdelingen, gedaan in het kader van een tewerkstelling van een vreemdeling op grond van de vrijstelling uit artikel 6.5 van het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022, die is ontvangen in de periode tot en met 15 april 2022, wordt beschouwd als een melding die ten minste twee werkdagen voor aanvang van de werkzaamheden is gedaan.

Artikel III

Deze regeling treedt in werking op het moment waarop het besluit tot wijziging van het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022 in verband met een tijdelijke vrijstelling van de tewerkstellingsvergunningsplicht, gelet op het Uitvoeringsbesluit van de Raad tot vaststelling van het bestaan van een massale toestroom van ontheemden uit Oekraïne in de zin van artikel 5 van Richtlijn 2001/55/EG van de Raad van 20 juli 2001, en tot invoering van tijdelijke bescherming naar aanleiding daarvan, in werking treedt.