wetzoeker

Subsidieregeling ondersteuning implementatie Wet open overheid

Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 22 maart 2022, 2021-0000604446, houdende regels voor de subsidiëring van het Interprovinciaal Overleg, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het Waterschapshuis ten behoeve van de ondersteuning bij het implementeren van de Wet open overheid (Subsidieregeling ondersteuning implementatie Wet open overheid)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
26-03-2022
Rechtsgebied
Financieel en economisch recht
Ministerie
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
BWB-id
BWBR0046466
Versie
2022-03-26_0
SHA-256 bron
636f3bb1b1388059e62ea84c7519985f8bd7238f063c169ddcb5a01eb8d8d1d0

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (9)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9

1 — Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

IPO: Interprovinciaal Overleg;

minister: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

VNG: Vereniging van Nederlandse Gemeenten.

1 — Algemene bepalingen

Artikel 2

1 De minister verstrekt aan het IPO, de VNG en het Waterschapshuis subsidie voor het bieden van ondersteuning aan respectievelijk provincies, gemeenten en waterschappen bij de implementatie van de Wet open overheid.

2 De subsidie wordt voor vijf boekjaren verstrekt. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

1 — Algemene bepalingen

Artikel 3

De subsidie, bedoeld in artikel 2, bedraagt ten hoogste het bedrag dat uit de begroting van de minister blijkt.

2 — De subsidieverlening

Artikel 4

1 Het IPO, de VNG en het Waterschapshuis dienen de aanvraag tot subsidieverlening in het boekjaar waarin deze regeling in werking treedt, uiterlijk in op 30 juni van het betreffende boekjaar.

2 Door de aanvrager gemaakte kosten vóór indiening van de aanvraag komen voor subsidie in aanmerking indien de kosten niet eerder zijn gemaakt dan 1 januari 2022. Deze kosten vallen onder het subsidiebedrag voor het eerste boekjaar.

3 De aanvraag hoeft geen weergave te bevatten van de liquiditeitsbehoefte als bedoeld in artikel 11, derde lid, onderdeel e, van het Kaderbesluit BZK-subsidies.

2 — De subsidieverlening

Artikel 5

Op de subsidie, bedoeld in artikel 3, zijn de bepalingen uit artikel 17 van het Kaderbesluit BZK-subsidies inzake een subsidie van € 25.000 tot € 125.000 van toepassing.

3 — De subsidievaststelling

Artikel 6

De aanvraag tot subsidievaststelling hoeft niet vergezeld te gaan van een controleverklaring als bedoel in artikel 24, eerste lid, onderdeel b, van het Kaderbesluit BZK-subsidies.

4 — Voorschotverlening

Artikel 7

1 De minister verstrekt een voorschot per boekjaar.

2 Het voorschot voor een boekjaar is gelijk aan 100 procent van de voor dat jaar verleende subsidie.

3 Een voorschot wordt verstrekt in januari van het betreffende boekjaar. Het voorschot voor het eerste jaar wordt binnen zes weken na de beschikking tot subsidieverlening uitbetaald.

4 De minister kan een voorschot een maand later verstrekken, nadat het IPO, de VNG of het Waterschapshuis hiervan in kennis is gesteld.

5 — Slotbepalingen

Artikel 8

1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2022.

2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2027.

5 — Slotbepalingen

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling ondersteuning implementatie Wet open overheid.