wetzoeker

Voorschrift 3 — Bandbreedte windpark Kavelbesluit VII windenergiegebied Hollandse Kust (west)

Bandbreedte windpark

1. Het aantal op te richten windturbines is ten hoogste 60.

2. In het windpark worden uitsluitend turbines geplaatst met, per turbine, een geïnstalleerd vermogen van ten minste 14 MW.

3. De afstand tussen windturbines bedraagt ten minste vier maal de rotordiameter.

4. De tiplaagte is ten minste 25 meter boven MSL.

5. De tiphoogte is ten hoogste 304 meter boven MSL.

6. De ashoogte is ten minste 135 meter boven MSL.

7. Het totale rotoroppervlak is maximaal 2.624.613 m2.

8. Een samenstel van turbines met een gecombineerd geïnstalleerd vermogen tot 760 MW wordt in ieder geval aangesloten op het TenneT platform Hollandse Kust (west Beta).

9. De toegestane funderingen voor de windturbines zijn:

− monopile;

− tripod;

− jacket;

− gravity based;

− suction bucket.

Indien de vergunninghouder een fundering wil toepassen die niet in dit lid is genoemd, zal hij de milieueffecten hiervan moeten bepalen. De milieueffecten worden voorgelegd aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat.

10. Als opofferingsanodes gebruikt worden als kathodische bescherming van stalen constructies, bestaan deze uit legeringen van aluminium of magnesium. De legeringen mogen kleine hoeveelheden (<5 gewichtsprocent) andere metalen bevatten.

Regeling
Kavelbesluit VII windenergiegebied Hollandse Kust (west)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
17-07-2026
BWB-id
BWBR0046414
Versie
2026-07-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl