wetzoeker

Algemeen Regeling beoordelingsnormen Staatsexamen Nt2

De spreekuitingen van de kandidaten worden op meerdere aspecten beoordeeld: woord- en zinsvorming, uitspraak, tempo, inhoud, woordkeus en woordenschat. Niet alle opgaven worden op alle aspecten beoordeeld.

Voordat de uiting van een kandidaat daadwerkelijk op de beoordelingsaspecten wordt beoordeeld, wordt nagegaan of de uiting te beoordelen is. Hier speelt de preconditie een rol. De vraag in de preconditie is: is de uiting te beoordelen? Bij het controleren van de preconditie moet één van de onderstaande keuzemogelijkheden worden aangevinkt:

• Nee, want het is geen verstaanbare Nederlandse reactie in relatie tot de context.

• Ja, want het is een verstaanbare Nederlandse reactie in relatie tot de context.

• Nee, want de kandidaat zegt niets.

• Nee, want er is een technisch probleem.

Wanneer bij de preconditie ‘ja’ aangevinkt is, kan de spreekopdracht verder beoordeeld worden.

De korte spreekopdracht wordt beoordeeld op twee aspecten: op ‘inhoud’ en op ‘woord- en zinsvorming’ of ‘woordkeus’. Zowel voor inhoud als voor woord- en zinsvorming of woordkeus worden punten toegekend op basis van een 2-puntsschaal: de beoordelaar kan een score 0 of 1 toekennen voor inhoud, en 0 of 1 voor woord- en zinsvorming en woordkeus.

De middellange spreekopdracht wordt in ieder geval beoordeeld op de aspecten ‘inhoud’ en ‘woord- en zinsvorming’. Daarnaast worden een of meer van de volgende aspecten beoordeeld: ‘woordenschat’, ‘uitspraak’ en ‘tempo’. De aspecten inhoud, woord- en zinsvorming, woordenschat en uitspraak worden beoordeeld op basis van een 4-puntsschaal: de beoordelaar kan een score van 0, 1, 2 of 3 toekennen. Bij het aspect woord- en zinsvorming wordt bij de beoordeling rekening gehouden met de lengte van de uiting. Voor het aspect tempo worden punten toegekend op basis van een 2-puntsschaal: de beoordelaar kan een score 0 of 1 toekennen.

De lange spreekopdracht komt alleen bij Spreken II voor. Deze wordt beoordeeld op de aspecten ‘inhoud’ en ‘woord- en zinsvorming’. Daarnaast worden de volgende aspecten beoordeeld: ‘coherentie’, ‘woordenschat’, ‘uitspraak’ en ‘tempo’. De aspecten inhoud, woord- en zinsvorming, coherentie, woordenschat en uitspraak worden beoordeeld op basis van een 4-puntsschaal: de beoordelaar kan een score van 0, 1, 2 of 3 toekennen. Voor het aspect tempo worden punten toegekend op basis van een 2-puntsschaal: de beoordelaar kan een score 0 of 1 toekennen.

Regeling
Regeling beoordelingsnormen Staatsexamen Nt2
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
29-12-2022
BWB-id
BWBR0046169
Versie
2022-12-29_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl