wetzoeker

3.6.2.2 — Personele kosten Controleprotocol nacalculatie 2021 Wlz-zorgaanbieders

Personele kosten

Werkzaamheden bij zorgaanbieders met verpleeghuiszorg

Ten aanzien van zorgaanbieders met verpleeghuiszorg geldt dat extra kosten voor zorgpersoneel allereerst ten laste van het kwaliteitsbudget verpleeghuiszorg worden gebracht. De accountant stelt dan ook vast dat alle extra personele kosten voor vv4 en hoger zijn opgevoerd bij het kwaliteitsbudget verpleeghuiszorg.

De accountant voert geen controlewerkzaamheden uit op de extra personele kosten verpleeghuiszorg. Ten aanzien van de lumpsum kwaliteitsbudget verpleeghuiszorg voert de accountant overeengekomen specifieke werkzaamheden uit conform Standaard 4400N (valt buiten de scope van dit controleprotocol).

Indien het kwaliteitsbudget verpleeghuiszorg niet toereikend blijkt, wordt de rest van deze kosten opgevoerd als extra personele lasten als gevolg van het SARS-CoV-2 virus onder ‘niet passend binnen het kwaliteitsbudget’. De accountant stelt vast dat extra personele kosten verpleeghuiszorg opgegeven als ‘niet passend binnen het kwaliteitsbudget’ overeenkomen met de terugkoppeling daarover van het zorgkantoor.

Naast extra kosten die ten laste van het kwaliteitsbudget verpleeghuiszorg worden gebracht, kunnen zorgaanbieders met verpleeghuiszorg ook extra personele kosten hebben die daar niet onder vallen. Deze extra kosten vallen wel in scope van de accountantscontrole in dit controleprotocol. De accountant handelt voor de controle van die extra kosten conform de paragraaf hierna.

Controle extra personele lasten niet vallend onder het kwaliteitsbudget verpleeghuiszorg

De wijze waarop zorgaanbieders komen tot de interne registratie van de extra kosten is niet nader uitgewerkt in de beleidsregel.

20 Door zorgaanbieders wordt zoveel als mogelijk gesteund op de handreiking die in 2021 in samenwerking door brancheorganisaties en Fizi zijn gepubliceerd (BR/REG-21149b, artikel 5).

Zorgaanbieders kunnen bijvoorbeeld op grond van een verschillenanalyse hebben bepaald welk deel van kosten extra is geweest als gevolg van het SARS-CoV-2 virus; er kunnen ook andere onderbouwingen voor de interne registratie bestaan.

Van de accountant wordt het volgende verwacht:

− De accountant stelt vast dat de extra kosten in de nacalculatie-opgave 2021 in totaal en per subcategorie aansluiten op de onderbouwing van de interne registratie daarvan door de zorgaanbieders.

21 Op grond van beleidsregel BR/REG-21149b artikel 8 registreert de zorgaanbieder de extra kosten duidelijk identificeerbaar in zijn administratie.

De accountant beoordeelt de onderbouwing van de zorgaanbieder dat de kosten extra zijn als gevolg van het SARS-CoV-2 virus op redelijkheid.

− De accountant stelt daarnaast vast dat de personele kosten zijn gemaakt en voor de juiste bedragen zijn verantwoord, en dat de kosten juist zijn geclassificeerd in de financiële administratie

22 Van zorgaanbieders wordt niet verwacht dat zij in 2021 nieuwe grootboekrekeningen in de financiële administratie hebben aangemaakt om een-op-een aan te sluiten op de subcategorieën extra kosten in de beleidsregel (BR/REG-21149b, artikel 4) en de nacalculatie-opgave 2021.

. Voor zorgaanbieders zonder verpleeghuiszorg geldt dat de accountant tevens vaststelt dat de kosten geen betrekking hebben op de periode voor 1 maart 2021.

23 Voor zorgaanbieders met verpleeghuiszorg is dit niet mogelijk, omdat de extra personele kosten op jaarbasis worden bepaald in samenhang met het kwaliteitsbudget verpleeghuiszorg.

− In de beleidsregel zijn extra kosten opgenomen die in elk geval voor vergoeding in aanmerking komen. Andere extra kosten kunnen ook voor vergoeding in aanmerking komen (als ze niet vallen onder de in de beleidsregel genoemde uitgesloten kosten); daarvoor moet de zorgaanbieder toestemming hebben verkregen van het zorgkantoor. Voor de opgegeven extra personele kosten die voor vergoeding in aanmerking komen als daarvoor goedkeuring is verkregen van het zorgkantoor, stelt de accountant vast dat die benodigde toestemming is verkregen (BR/REG 21149b, artikel 4, eerste en tweede lid, onder d). In het (uitzonderlijke) geval dat de goedkeuring van het zorgkantoor een maximumbedrag bevat, stelt de accountant vast dat het door het zorgkantoor goedgekeurde maximumbedrag niet is overschreden.

De accountant is zelfstandig verantwoordelijk voor het uitvoeren van voldoende werkzaamheden ter verkrijging van voldoende en geschikte controle-informatie. De accountant betrekt bij zijn controle onder andere de risicoanalyse, de administratieve organisatie (AO) en de interne controle (IC) van de zorgaanbieder en bepaalt op grond hiervan zelfstandig de door hem uit te voeren controlewerkzaamheden. De accountant mag hiervoor gebruik maken van de werkzaamheden die hij uitvoert in het kader van de reguliere jaarrekeningcontrolewerkzaamheden, indien en voor zo ver hij dat mogelijk en passend acht.

24 In het geval gesteund wordt op werkzaamheden van de reguliere jaarrekeningcontrole volgt de accountant Standaard 230.8 voor zijn vastleggingen daarvan in het kader van de controle van de nacalculatie-opgave 2021.

Regeling
Controleprotocol nacalculatie 2021 Wlz-zorgaanbieders
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
05-01-2022
BWB-id
BWBR0046158
Versie
2022-01-05_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl