wetzoeker

Artikel 3.21 Uitvoeringsbesluit WVO 2020

Het centraal examen

1 De rector of directeur doet aan de examinator in een vak toekomen:

a. het gemaakte werk van het centraal examen;

b. een exemplaar van de opgaven;

c. de beoordelingsnormen; en

d. het proces-verbaal van het examen.

2 De examinator beoordeelt het werk zo spoedig mogelijk en past daarbij de beoordelingsnormen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens toe.

3 De examinator drukt zijn beoordeling uit in de score, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens.

4 De examinator zendt de score en het beoordeelde werk aan de rector of directeur.

5 Bij digitale examinering met gebruikmaking van de daartoe door het college beschikbaar gestelde programmatuur worden de handelingen, bedoeld in dit artikel, digitaal verricht, uitgezonderd de handelingen die betrekking hebben op het proces-verbaal.

6 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de beoordeling van het centraal examen door de examinator.

Regeling
Uitvoeringsbesluit WVO 2020
Afkortingen
UWVO 2020
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-08-2026
BWB-id
BWBR0045787
Versie
2026-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl