wetzoeker

6.1.8 — Apparaatskostenvergoeding Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Humanitaire hulp 2022–2026)

Apparaatskostenvergoeding

Voor de apparaatskosten voor respectievelijk subsidieaanvragen en de daaruit voortvloeiende financieringsverzoeken geldt het volgende:

a) Subsidieaanvragen inclusief financieringsverzoeken:

i. Het totaal van de kosten voor voorzieningen voor verliezen als gevolg van onvoorziene omstandigheden, zoals diefstal, ongevallen en schade die ontstaat tijdens de uitvoering van de activiteit, en waarvoor verzekering niet mogelijk is, bedragen maximaal 0,5% van het totaal aangevraagde subsidiebedrag. Overheadkosten genoemd onder het kopje financieringsverzoeken (zie b.i en b.ii) vallen niet onder ‘onvoorzien’. Voordat tijdens de uitvoering van de activiteiten deze post kan worden benut, vraagt de subsidieontvanger vooraf goedkeuring aan het Ministerie.

b) Per financieringsverzoek:

I. Maximaal 8% van de totale kosten van het financieringsverzoek, met uitzondering van kosten van lokale organisaties (zie b.ii), heeft betrekking op overheadkosten.

II. Maximaal 8% van de kosten van de specifiek door lokale organisaties uitgevoerde activiteiten heeft betrekking op overheadkosten van die lokale organisaties. Overheadkosten voor penvoerder en alliantiepartners over deze overheadkosten van lokale organisaties zijn uitgesloten van financiering.

III. Maximaal 1% van de kosten van het financieringsverzoek heeft betrekking op aanvullende coördinerende inspanningen die de coördinator van de uit te voeren activiteiten levert. ‘Coördinerende’ activiteiten van overige (alliantie)partners zijn hiervan uitgesloten.

Uitgewerkt in een fictief voorbeeld, leidt dit tot het volgende:

Stel dat een subsidieaanvraag wordt gedaan voor een totaalbedrag van EUR 60 mln., waaronder op een later moment 7 financieringsverzoeken worden gehonoreerd. Een daarvan (X) heeft een grootte van EUR 15 mln. Het maximale (totaal)bedrag voor onvoorzien bedraagt in dit geval EUR 300.000 (0,5% x 60 mln.). Binnen financieringsverzoek X van EUR 15 mln. wordt voor EUR 1,5 mln. aan activiteiten uitgevoerd door lokale organisaties. De kostenverdeling voor financieringsverzoek X ziet er o.b.v. bullet ‘b’ hierboven als volgt uit: – Coördinatiekosten Coördinator (zie b.iii): EUR 150.000 (=1% van 1,5 mln.) – Deelname lokale organisaties: ○ Overhead (zie b.ii): EUR 120.000 (=8% van 1,5 mln.)

1 In onderling overleg kunnen de lokale organisatie en het betrokken DRA-lid besluiten een deel van deze overheadkosten in te zetten als vergoeding aan het betreffende DRA-lid voor begeleiding van en verantwoordelijkheid over activiteiten van de lokale organisatie. In bovenstaand voorbeeld is hiervan geen sprake. ○ Activiteiten: EUR 1.380.000 (=92% van 1,5 mln.) – Deelname penvoerder en alliantiepartners: ○ Totaal: EUR 13.353.000 (=15 mln. – 150.000 (coörd.) – 1,5 mln. (lok.org.)) • Overhead (zie b.i): EUR 1.068.000 (=8% van 13,353 mln.) • Activiteiten: EUR 12.285.000 (=92% van 13,353 mln.)

Regeling
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Humanitaire hulp 2022–2026)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
19-06-2026
BWB-id
BWBR0045726
Versie
2026-06-19_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl