wetzoeker

6.1.3 — Organisatorische capaciteit en integriteit Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Humanitaire hulp 2022–2026)

Organisatorische capaciteit en integriteit

a. De penvoerder van de alliantie is in staat tot een adequaat financieel beheer en kan door ervaringsdeskundigheid met betrekking tot activiteiten als waarvoor subsidie wordt gevraagd, een doelgerichte en doelmatige uitvoering van de activiteiten waarborgen.

b. Daarnaast toont de penvoerder aan dat hij een integriteitsbeleid heeft, en procedures om dit beleid te implementeren. Dit integriteitsbeleid en deze procedures zijn er om ernstige vormen van grensoverschrijdend gedrag, daaronder begrepen seksuele misdragingen, jegens medewerkers en derden, bij de uitvoering van de activiteiten waarop de aanvraag betrekking heeft door de penvoerder, de mede-indieners en de door hen ingeschakelde partijen, zoveel mogelijk te voorkomen, in voorkomend geval te onderzoeken, met passende maatregelen zo spoedig mogelijk te doen beëindigen en de gevolgen daarvan te mitigeren. De procedures zijn zodanig ingericht dat een tijdige melding van (mogelijke) incidenten aan de Minister is gewaarborgd.

Om dit aan te tonen voegt de penvoerder bij de aanvraag:

• Een geldig Partos 9001 certificaat, versie 2018; of

• In geval de organisatie een positief beoordeelde Organisational Risk and Integrity Assessment (ORIA) heeft: Ingevulde Vragenlijst Actualisering ORIA met verwijzing naar het activiteitennummer van de verkregen subsidie of naar de aanvraag afgekeurd op andere gronden dan de organisatorische capaciteit of het integriteitsbeleid; of

• In alle andere gevallen (inclusief de situatie waarin de penvoerder een positief beoordeelde COCA heeft): een volledig ingevulde ORIA.

c. De penvoerder van de alliantie toont aan dat alle alliantiepartners een integriteitsbeleid hebben, en procedures om dit beleid te implementeren. Dit integriteitsbeleid en deze procedures zijn er om ernstige vormen van grensoverschrijdend gedrag, daaronder begrepen seksuele misdragingen, jegens medewerkers en derden, bij de uitvoering van de activiteiten waarop de aanvraag betrekking heeft door de mede-indieners en de door hen ingeschakelde partijen, zoveel mogelijk te voorkomen, in voorkomend geval te onderzoeken, met passende maatregelen zo spoedig mogelijk te doen beëindigen en de gevolgen daarvan te mitigeren. De procedures zijn zodanig ingericht dat een tijdige melding van incidenten aan de Minister is gewaarborgd.

Hiertoe voegt de penvoerder bij zijn aanvraag voor elke alliantiepartner:

• Geldige PARTOS ISO-9001:2015 versie 2018; of

• Voor alliantiepartners die een positief beoordeelde ORIA hebben: verwijzing naar het activiteitennummer van de verkregen subsidie of naar de aanvraag afgekeurd op andere gronden dan het integriteitsbeleid; of

• Voor alliantiepartners zonder ORIA: een volledig ingevuld ORIA integrity update formulier, aan te leveren in de Engelse taal.

Regeling
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Humanitaire hulp 2022–2026)
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
19-06-2026
BWB-id
BWBR0045726
Versie
2026-06-19_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl