wetzoeker

Artikel 2.9 Beleidsregels risicoverevening 2022

II Toekenning van de vereveningsbijdrage aan een zorgverzekeraar

1 Het Zorginstituut baseert het geraamde aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium DKG_G op:

a. de indeling in DKG_G klassen 2022 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 5 van deze Beleidsregels;

b. de opgave van de zorgverzekeraars per 1 juni 2021 aan het Zorginstituut van de declaraties per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van alle prestaties generalistische Basis-GGZ in 2019 en van alle dbc’s GGZ en zzp’s GGZ die in 2019 geopend zijn;

c. de opgave van de zorgverzekeraars per 1 juni 2020 aan het Zorginstituut van de declaraties per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van dbc’s GGZ en zzp’s GGZ die in 2018 geopend zijn;

d. de opgave van de zorgverzekeraars per 1 juni 2019 aan het Zorginstituut van de declaraties per gepseudonimiseerd burgerservicenummer van dbc’s GGZ die in 2017 geopend zijn; en

e. de vertaaltabel zoals vastgesteld in het conversieonderzoek bekostiging GGZ (WOR 1037).

2 Het Zorginstituut past bij de indeling van verzekerden in DKG_G-klassen de vertaaltabel, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, op de brongegevens toe.

3 Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b tot en met d, na toepassing van het tweede lid, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2020. Het Zorginstituut bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 5 van deze Beleidsregels, in welke DKG_G-klasse een verzekerde wordt ingedeeld. Het Zorginstituut stelt voor de toepasselijke klasse waarin de verzekerde valt de zwaarte op 1.

4 Het Zorginstituut past per verzekerde per klasse van het criterium DKG_G de toepasselijke trendfactor toe. Het Zorginstituut past op de verzekerden die in het PKB 2020 voor het eerst voorkomen per DKG_G-klasse de gemiddelde prevalentie voor de betreffende klasse van de overige verzekerden in het PKB 2020 toe.

5 Vervolgens koppelt het Zorginstituut de verzekerden aan het PER 2021 en past hierop een sterftecorrectie toe, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie constant blijft.

6 Het Zorginstituut past op verzekerden die in het PER 2021 voor het eerst voorkomen per DKG_G-klasse de gemiddelde prevalentie van de overige verzekerden in het PER 2021 toe.

7 Als een verzekerde niet in een andere klasse dan ‘Geen DKG_G’ valt, deelt het Zorginstituut deze verzekerde in de klasse ‘Geen DKG_G’ in.

8 Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium DKG_G naar de macroverzekerdenraming.

Regeling
Beleidsregels risicoverevening 2022
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
20-01-2026
BWB-id
BWBR0045725
Versie
2026-01-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl