wetzoeker

Thema 7 — : Staatsinrichting en rechtsstaat Regeling inburgering 2021

: Staatsinrichting en rechtsstaat

De inburgeraar weet hoe in hoofdlijnen de democratische rechtsstaat is ingericht en weet hoe hij hiermee kan omgaan en hierbij betrokken kan zijn.

7.1 Zich verdiepen in hoe de Nederlandse democratische rechtsstaat is ingericht

7.1.1 Kent de belangrijkste zaken van de staatsinrichting van Nederland.

• Weet dat Nederland een koninkrijk is met een koningshuis, kent de naam van de Koning en weet dat deze vooral een ceremoniële functie vervult

• weet dat Nederland een democratische rechtsstaat is met parlement, dat uit twee Kamers bestaat

• weet dat de Tweede en Eerste Kamer samen met de regering wetten maken

• weet dat er meerdere politieke partijen zijn

• weet dat partijen een regering vormen en dat ministers deel uitmaken van de regering

• weet dat de minister-president leidinggeeft aan de ministers en kent de naam van de minister-president

• weet dat Nederland drie bestuursniveaus kent: rijk, provincies en gemeenten, met elk eigen taken en verantwoordelijkheden.

7.1.2 Is ervan op de hoogte dat Nederland deel uitmaakt van de Europese Unie (EU).

• Weet dat Nederland lid is van de EU en als lidstaat afspraken en regels die in de EU zijn gemaakt moet nakomen

• weet dat lidmaatschap van de EU voor burgers betekent dat er in principe vrij verkeer van personen en goederen tussen lidstaten bestaat, vrije vestiging in lidstaten en deelname aan Europese verkiezingen.

7.1.3 Is ervan op de hoogte dat de macht in Nederland gespreid is in wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht.

• Kent het belang van scheiding van de drie machten in Nederland

• kent de belangrijkste taak van elk van de drie machten

• weet dat hij een uitspraak van een rechter moet accepteren, maar dat hij in hoger beroep kan gaan.

7.1.4 Is op de hoogte van wat ‘kiesrecht’ inhoudt en wat het belang van stemmen is.

• Kent het verschil tussen actief en passief kiesrecht

• weet dat er verschillende verkiezingen worden gehouden, namelijk voor gemeenten, provincies, Tweede Kamer, Europees Parlement, waterschappen en referenda

• weet dat niet-Nederlanders die langer dan vijf jaar in Nederland wonen, mogen deelnemen aan de gemeenteraadsverkiezingen.

7.2 Kennen van enkele belangrijke wettelijke bepalingen

7.2.1 Is ervan op de hoogte dat vrouwen en mannen voor de wet gelijkwaardig zijn en gelijkwaardig behandeld dienen te worden.

• Weet dat vrouwen en mannen dezelfde kansen en mogelijkheden hebben om zich als zelfstandige individuen te ontplooien, onder meer via scholing en arbeid.

7.2.2 Is op de hoogte van wat ‘vrijheid van meningsuiting’ inhoudt.

• Weet dat de wet vrijheid van meningsuiting beschermt, maar dat men niet iets mag zeggen of schrijven dat volgens de wet verboden is

• weet dat sommige uitingen in het publieke debat als kwetsend ervaren kunnen worden.

7.2.3 Is ervan op de hoogte dat in Nederland godsdienstvrijheid geldt.

• Weet dat iedereen vrij is om in Nederland zelf een godsdienst, levensbeschouwing of idealen te kiezen

• weet dat de wetten van de staat boven die van religie en traditie staan

• weet dat de overheid zich niet mengt in de interne aangelegenheden van godsdienstige of levensbeschouwelijke genootschappen, zolang die zich aan de wet houden.

7.2.4 Is op de hoogte van wat ‘gelijke behandeling’ en ‘discriminatieverbod’ inhoudt.

• Weet dat Artikel 1 van de Grondwet gelijke behandeling in gelijke gevallen voorschrijft en onderscheid maken op grond van godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, handicap, seksuele gerichtheid of op welke grond dan ook verbiedt

• weet dat discriminatie of uitsluiting gemeld kan worden bij een meldpunt en bij de politie.

7.2.5 Is ervan op de hoogte dat de privacy van de burger door de wet wordt beschermd.

• Weet dat hij alleen die persoonsgegevens deelt met overheids- en andere instanties die zij nodig hebben voor hun taak

• weet dat hij de persoonsgegevens die hij heeft gedeeld met overheids- en andere instanties altijd mag inzien en zo nodig wijzigen.

7.2.6 Is ervan op de hoogte dat de wet de integriteit van het lichaam beschermt en dat alle ongewenste intimiteit en geweld strafbaar zijn (huiselijk geweld, eerwraak, slaan van kinderen, besnijdenis van meisjes, geweld op straat enzovoort).

7.2.7 Is ervan op de hoogte dat het bij wet geregeld is dat iedereen in Nederland na overlijden zijn organen afstaat voor orgaandonatie, tenzij hij vastlegt hier niet of slechts ten dele aan te willen meewerken.

• Weet dat hij kan laten registreren dat hij niet of ten dele aan orgaandonatie mee wil werken.

7.2.8 Weet dat vrouwen in Nederland zelfbeschikkingsrecht hebben en wat dit betekent.

Regeling
Regeling inburgering 2021
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
18-04-2026
BWB-id
BWBR0045574
Versie
2026-04-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl