wetzoeker

5.2 — De inhoud van bijzondere voorwaarden Aanwijzing voorwaardelijke invrijheidstelling

De inhoud van bijzondere voorwaarden

De wet bepaalt welke bijzondere voorwaarden gesteld kunnen worden (zie art. 6:2:11, derde lid, Sv-oud). Het is tevens mogelijk aan een bijzondere voorwaarde elektronisch toezicht te verbinden (art. 6:2:11, vierde lid Sv). Het OM maakt de afweging of vrijheidsbeperkende voorwaarden met een elektronisch controlemiddel worden gecombineerd. Een dergelijke inbreuk op de persoonlijke levenssfeer dient noodzakelijk en proportioneel te zijn.

39 Zie de Aanwijzing voorwaardelijke straffen en schorsing voorlopige hechtenis onder voorwaarden en de Aanwijzing kader voor toepassing van voorwaarden, gedragsaanwijzingen en maatregelen.

De restcategorie ‘overige voorwaarden, het gedrag van de veroordeelde betreffende’ (art. 6:2:11, derde lid onder j, Sv-oud) is in de wet opgenomen om maatwerk te kunnen leveren ten aanzien van de invulling van de bijzondere voorwaarden. Deze gedragsvoorwaarden dienen te strekken tot bevordering van een veilige en verantwoorde terugkeer van veroordeelde in de samenleving, dan wel tot voorkoming van recidive. Dit betekent in concreto dat bij de v.i. als ‘restcategorie’ in de regel de navolgende bijzondere voorwaarden kunnen worden opgelegd:

– volgen van een opleiding;

– meewerken aan hulpverlening door een aanbieder uit het lokale zorgveld (zoals schuldhulpverlening, maatschappelijk werk etc.)

40 Het zal hierbij doorgaans gaan om voortzetting van tijdens de detentie ingezette trajecten.

;

– geen andere huisvesting zonder toestemming;

– meewerken aan het verkrijgen/behouden van aanvaardbare huisvesting;

– meewerken aan middelencontrole;

– verbod kansspelen;

– vermijden contact met minderjarigen;

– vermijden kinderporno;

– verbod bepaalde werkzaamheden (anders dan vrijwilligerswerk);

– meewerken aan het verkrijgen/behouden van dagbesteding;

– houdverbod dieren;

– inzicht geven in financiën.

Wanneer er bijzondere voorwaarden worden verbonden aan de v.i. dan gelden van rechtswege altijd de voorwaarden dat veroordeelde – kort samengevat – meewerkt aan het vaststellen van zijn identiteit en medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht.

41 Daaronder begrepen medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht. Art. 6:2:11, tweede lid, Sv.

Regeling
Aanwijzing voorwaardelijke invrijheidstelling
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-07-2021
BWB-id
BWBR0045281
Versie
2021-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl