wetzoeker

1 — Toepassingsbereik Aanwijzing voorwaardelijke invrijheidstelling

Toepassingsbereik

De in dit deel beschreven v.i.-regeling geldt voor veroordelingen tot vrijheidsstraffen die in laatste feitelijke instantie zijn uitgesproken voor 1 juli 2021.

32 Het gaat om het moment van de uitspraak door de rechtbank of het gerechtshof. De uitspraak hoeft op dat moment nog niet onherroepelijk te zijn.

Zij is van toepassing op geheel onvoorwaardelijke vrijheidsstraffen met een duur van meer dan één jaar. Voor vrijheidsstraffen met een duur tussen één jaar en twee jaar vindt v.i. plaats wanneer de vrijheidsbeneming ten minste één jaar heeft geduurd en van het nog ten uitvoer te leggen gedeelte van de straf een derde is ondergaan. Voor vrijheidsstraffen met een duur van twee jaar of meer vindt v.i. plaats wanneer twee derde van de straf is ondergaan.

Indien een veroordeelde meerdere straffen heeft te ondergaan, worden deze zo mogelijk aaneensluitend

33 De veroordeelde wordt niet tussentijds in vrijheid gesteld. De uitvoering van de straf wordt evenmin anderszins onderbroken.

ten uitvoer gelegd. Alleen geheel onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen straffen worden gezamenlijk als één vrijheidsstraf aangemerkt (art. 6:2:6 onder a Sv). De v.i. wordt verleend over het totaal indien de duur hiervan meer dan een jaar bedraagt.

De v.i.-regeling is niet van toepassing in het geval van/bij:

1. (de tenuitvoerlegging van) voorwaardelijke of deels voorwaardelijke veroordelingen tot vrijheidsstraffen;

Na toewijzing van de vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke vrijheidsstraf wordt geen v.i. berekend over een alsnog ten uitvoer te leggen straf(deel);

2. jeugdigen veroordeeld tot jeugddetentie. Jeugdigen veroordeeld tot jeugddetentie kunnen immers door de rechter te allen tijde in vrijheid gesteld worden (art. 6:6:28 Sv). Op jeugddetentie die is omgezet in een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf is de v.i.-regeling wel van toepassing (mits die gevangenisstraf dus meer dan één jaar bedraagt);

3. vreemdelingen zonder bestendig rechtmatig verblijf. Vreemdelingen die geen rechtmatig verblijf (meer) hebben in Nederland in de zin van art. 8, onder a tot en met e of l, van de Vreemdelingenwet 2000 komen niet voor v.i. in aanmerking. Als een vreemdeling, naar aanleiding van een voor de v.i.-datum ingediende aanvraag, alsnog bestendig rechtmatig verblijf wordt toegestaan valt hij onder het bereik van de v.i.-regeling. Ook als het bestendige rechtmatige verblijf wordt verkregen na de v.i.-datum.

4. levenslanggestraften.

Regeling
Aanwijzing voorwaardelijke invrijheidstelling
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-07-2021
BWB-id
BWBR0045281
Versie
2021-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl