wetzoeker

Artikel 4:3:1 Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra 2020–2021

Persoonsgebonden beëindigingsgronden bij een vast dienstverband

1. Het dienstverband van de werknemer is beëindigd door een uitspraak van de kantonrechter.

2. De werkgever legt daartoe over:

a. de uitspraak van de kantonrechter;

b. het verzoekschrift aan de kantonrechter tot ontbinding van het dienstverband;

c. het verweerschrift.

3. Uit de stukken, genoemd in het tweede lid, blijkt:

a. dat het dienstverband wordt ontbonden op grond van één van de gronden genoemd in artikel 3.6, eerste lid, sub a tot en met i van de CAO PO;

b. dat aan de ontbinding een inhoudelijke behandeling op tegenspraak bij de rechtbank ten grondslag heeft gelegen, in die zin dat de uitspraak een samenvatting van de gronden van het ontslagverzoek bevat, een samenvatting van het verweer en de overwegingen van de rechter op grond waarvan tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt gekomen;

c. dat de ontbinding niet in overwegende mate aan de werkgever te wijten is.

Regeling
Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra 2020–2021
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
28-10-2022
BWB-id
BWBR0045147
Versie
2022-10-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl