wetzoeker

Toelichting Regeling vaststelling Aanwijzingen voor de juridische functie Rijk

Het eerste lid heeft betrekking op de zelfstandigheid van elke directie WJZ binnen haar departement. Deze zelfstandigheid ziet op het geven van een onafhankelijk juridisch oordeel, hetgeen vanzelfsprekend niet in de weg mag staan aan een goede samenwerking met beleid en uitvoering, maar deze juist dient te bevorderen. Voor de kwaliteit van de juridische functie en het overheidshandelen in het algemeen is een goede samenwerking met bundeling van kwaliteiten immers essentieel. De zelfstandige taakuitoefening dient te worden gefaciliteerd vanuit het ministerie. Dit kan door centralisatie van de juridische functie, maar ook door het nemen van andere maatregelen ten behoeve van die zelfstandigheid, zoals afspraken met beleidsdirecties over betrokkenheid van de directie WJZ.

In het tweede lid is tot uitdrukking gebracht dat de directie WJZ een bepaalde omvang moet hebben om de aan haar opgedragen taken op professioneel niveau te kunnen verrichten. Het gaat dan zowel om taken als bedoeld in aanwijzing 5 als om andere aan de directie opgelegde taken. Daarnaast heeft het tweede lid betrekking op de samenstelling van de directie WJZ. Afhankelijk van het ministerie zal er een behoefte zijn aan meer generalisten dan specialisten of vice versa. Tussen omvang en samenstelling bestaat ook een relatie; zo is een zekere omvang nodig om specialisatie mogelijk te maken.

Regeling
Regeling vaststelling Aanwijzingen voor de juridische functie Rijk
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
09-04-2021
BWB-id
BWBR0045032
Versie
2021-04-09_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl