wetzoeker

Artikel 7.31 Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Het mondeling en schriftelijk overleg

1 De Kamer beraadslaagt slechts over een verslag van een commissiedebat of schriftelijk overleg, indien een lid dat heeft deelgenomen aan het debat of overleg een motie over het daarin besproken onderwerp wenst in te dienen. Bij een commissiedebat kan een lid dit slechts aankondigen na de eerste beantwoording door de minister in het debat.

2 Er kan slechts aan de beraadslaging worden deelgenomen door leden van de fracties of groepen die aan het commissiedebat of schriftelijk overleg hebben deelgenomen, tenzij de Kamer anders besluit.

3 In afwijking van artikel 8.12, eerste lid, voert ieder lid slechts eenmaal het woord.

4 In afwijking van artikel 8.13, eerste lid, bedraagt de maximumspreektijd per fractie twee minuten en per groep anderhalve minuut, met inbegrip van de benodigde tijd voor de indiening van moties.

Regeling
Reglement van Orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Afkortingen
RVOTK, RvO II
Soort
Reglement
Geldend vanaf
16-06-2026
BWB-id
BWBR0044975
Versie
2026-06-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl