wetzoeker

Artikel 5.1 Wijzigingswet Algemene wet bestuursrecht en enkele andere wetten (nieuwe omgevingsrecht en nadeelcompensatierecht)

Overgangs- en slotbepalingen

Onverminderd hoofdstuk 4 van de Invoeringswet Omgevingswet blijven de artikelen 3:21 tot en met 3:29 van de Algemene wet bestuursrecht, zoals deze luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 1, onderdeel B, van deze wet, van toepassing op:

a. besluiten die zijn aangevraagd voor dat tijdstip;

b. ambtshalve te nemen besluiten waarvan de beslistermijn is aangevangen vóór dat tijdstip;

c. besluiten die zijn aangevraagd na dat tijdstip en ambtshalve besluiten waarvan de beslistermijn is aangevangen na dat tijdstip, indien:

1°. de eerste aanvraag, bedoeld in artikel 3:23, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, is ingediend vóór dat tijdstip;

2°. de laatste aanvraag, bedoeld in artikel 3:23, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, is ingediend na dat tijdstip doch binnen zes weken na ontvangst van de eerste aanvraag of, indien toepassing is gegeven aan artikel 3:23, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, binnen de door het coördinerend bestuursorgaan gestelde termijn.

Regeling
Wijzigingswet Algemene wet bestuursrecht en enkele andere wetten (nieuwe omgevingsrecht en nadeelcompensatierecht)
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0044962
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl