wetzoeker

Machtigingsbesluit UBR|Advocaten en Adviseurs Arbeidsrecht van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van 11 maart 2021, nr. 2021-0000038964 tot machtiging van de manager van Advocaten en Adviseurs Arbeidsrecht (Expertisecentrum Organisatie en Personeel en/of diens rechtsopvolger) van de Uitvoeringsorganisatie Bedrijfsvoering Rijk (UBR), inzake juridische procedures betreffende personeelsaangelegenheden (Machtigingsbesluit UBR|Advocaten en Adviseurs Arbeidsrecht van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
20-03-2021
Rechtsgebied
Ambtenarenrecht, Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht, Bestuursrecht, Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Sociale Zaken en Werkgelegenheid
BWB-id
BWBR0044950
Versie
2021-03-20_0
SHA-256 bron
c003009a3fa40dab6810e1ab29fb6328c46045ccc770ec9a57c5983cc0585647

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (6)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

b. manager: de manager van Advocaten en Adviseurs Arbeidsrecht (Expertisecentrum Organisatie en Personeel en/of diens rechtsopvolger) van de Uitvoeringsorganisatie Bedrijfsvoering Rijk (UBR), ressorterend onder de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Artikel 2

1 Aan de manager wordt inzake personeelsaangelegenheden van onder de minister ressorterende medewerkers machtiging verleend voor

a. het aanhangig maken en behandelen van juridische procedures, waaronder het (doen) uitbrengen en ondertekenen van dagvaardingen, verzoekschriften, verweerschriften, conclusies, aktes als ook bezwaarschriften en (hoger) beroepschriften

b. alsmede het vertegenwoordigen van de minister ter terechtzitting.

2 De manager heeft voor alle bevoegdheden als bedoeld in het eerste lid het recht van substitutie en kan daarvoor de onder hem ressorterende medewerkers inschakelen.

Artikel 3

De uit dit besluit voor de manager voortvloeiende bevoegdheden gaan in geval van afwezigheid of verhindering over op zijn plaatsvervanger.

Artikel 4

Het krachtens machtiging ondertekenen van stukken geschiedt als volgt:

De Staat der Nederlanden,

te dezen vertegenwoordigd door,

de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

namens deze,

(naam gemachtigde)

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2020.

Artikel 6

Dit besluit wordt aangehaald als: Machtigingsbesluit UBR|Advocaten en Adviseurs Arbeidsrecht van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.