wetzoeker

2.11 — Dadelijke uitvoerbaarheid (art. 14e Sr) Aanwijzing voorwaardelijke straffen en schorsing van voorlopige hechtenis onder voorwaarden

Dadelijke uitvoerbaarheid (art. 14e Sr)

Bijzondere voorwaarden in het kader van een voorwaardelijk opgelegde vrijheidsstraf en het daarbij horende reclasseringstoezicht kunnen dadelijk uitvoerbaar worden verklaard in het geval ‘er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen’. Nu ditzelfde criterium geldt bij het vaststellen van een proeftijd van tien jaren, ligt het in de rede om dan ook een langere proeftijd te overwegen.

Dadelijk uitvoerbare voorwaarden worden gestart direct na de einduitspraak in eerste aanleg, ook als hoger beroep wordt ingesteld en het vonnis dus nog niet onherroepelijk is. Dit is een wettelijke uitzondering op de schorsende werking van rechtsmiddelen (art. 6:1:16 Sv). De bescherming van de samenleving en slachtoffer(s) en de lichamelijke integriteit van personen prevaleert in dat geval boven het uitgangspunt dat de tenuitvoerlegging van een straf pas plaatsvindt nadat een uitspraak onherroepelijk is geworden.

In het geval van bijvoorbeeld een geweldsmisdrijf met slachtoffer(s) kan een locatie- of contactverbod mogelijk in combinatie met reclasseringstoezicht en ET urgent zijn en moet de dadelijke uitvoerbaarheid worden gevorderd. Gezien de ernst van dit soort zaken kan het ook passend zijn een langere proeftijd dan twee jaar te vorderen.

Indien de officier overweegt de dadelijke uitvoerbaarheid van reclasseringsinterventies te vorderen, moet dit ondersteund worden door een reclasseringsadvies, waarin de dadelijke uitvoerbaarheid wordt gemotiveerd. De officier dient dan tevens de meldplicht (volgende dag melden bij reclassering) op te nemen in de vordering.

Het OM ontvangt, in die zaken waarin de rechter de dadelijke uitvoerbaarheid beveelt (art. 14e Sr), direct na de uitspraak de uitgesproken voorwaarden op schrift van de rechter in een ‘proces- verbaal van dadelijke uitvoerbaarheid’ en routeert dit zo spoedig mogelijk naar het AICE ter uitvoering van de straf.

Indien de verdachte niet bekend was met de zitting, laat het OM de kennisgeving als bedoeld in art. 366a Sv zo spoedig mogelijk na de zitting in persoon aan de verdachte betekenen (art. 366a lid 3 Sv). Bij overtreding van de voorwaarden kan de verdachte, die niet bekend was met de zitting, alleen worden aangehouden als betekening heeft plaatsgevonden.

Ook in hoger beroep kunnen dadelijk uitvoerbare voorwaarden worden gevorderd en opgelegd.

Wanneer er een dadelijke uitvoerbaarheid van de voorwaarden is uitgesproken en veroordeelde vervolgens in hoger beroep gaat, is het niet mogelijk om bij overtreding deze persoon aan te houden en de voorlopige tenuitvoerlegging te vorderen.

14 ECLI:NL:HR:2017:3186.

Een vordering tenuitvoerlegging is wel mogelijk, deze dient binnen 30 dagen op zitting te zijn gepland, conform ketenafspraken. Indien snel optreden bij overtreding gewenst is, overweegt het OM de vrijheidsbeperkende maatregel (art. 38v Sr) te vorderen en deze dadelijk uitvoerbaar te verklaren. Bij deze maatregel kan een locatiegebod, locatieverbod of contactverbod worden opgelegd en kan bij overtreding wel worden aangehouden.

Regeling
Aanwijzing voorwaardelijke straffen en schorsing van voorlopige hechtenis onder voorwaarden
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-03-2021
BWB-id
BWBR0044666
Versie
2021-03-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl