wetzoeker

Artikel 40 Regeling CO2-heffing industrie

Specifieke berekeningen voor gevestigde installatie en nieuwkomers

1 Indien een productbenchmark-subinstallatie meetbare warmte omvat die wordt ingevoerd uit een niet in het EU-ETS opgenomen installatie of een broeikasgasinstallatie voor de verbranding van stedelijk afval wordt het aantal dispensatierechten verlaagd.

2 Als een productbenchmark-subinstallatie meetbare warmte omvat die wordt ingevoerd uit een niet in de EU-ETS opgenomen installatie of andere entiteit, of een broeikasgasinstallatie voor de verbranding van stedelijk afval, wordt het aantal dispensatierechten voor de betrokken productbenchmark-subinstallatie zoals berekend overeenkomstig artikel 30, 31, 32, 33 of 38, verminderd met de hoeveelheid warmte in het betrokken jaar ingevoerd uit niet in de EU-ETS opgenomen installaties of andere entiteiten, of broeikasgasinstallaties voor de verbranding van stedelijk afval, vermenigvuldigd met de waarde van de warmtebenchmark zoals opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2 en vermenigvuldigd met de toepasselijke nationale reductiefactor.

3 Warmte die is opgewekt met elektriciteit in een eenheid die door dezelfde exploitant op dezelfde locatie wordt geëxploiteerd wordt tot en met verslagperiode 2024 niet beschouwd als warmte die wordt ingevoerd vanuit een niet in het EU-ETS opgenomen installatie of een broeikasgasinstallatie voor de verbranding van stedelijk afval.

Regeling
Regeling CO2-heffing industrie
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0044637
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl