wetzoeker

5.2.3 — Aftrek bij vereniging van eigenaren Omzetbelasting, aftrek van omzetbelasting

Aftrek bij vereniging van eigenaren

Een vereniging van eigenaren kwalificeert voor de btw-heffing niet als ondernemer voor zover het reguliere taken betreft zoals het beheer en onderhoud van gemeenschappelijke delen van onroerende zaken. De vereniging van eigenaren die daarnaast bijvoorbeeld laadpalen exploiteert wordt in beginsel voor een dergelijke economische activiteit wel als ondernemer aangemerkt. Dit brengt mee dat de vereniging recht heeft op btw-aftrek over goederen en diensten die de vereniging gebruikt voor haar economische activiteit die met btw is belast (zie ook § 3.2).

De vereniging heeft geen recht op btw-aftrek over goederen en diensten die zij niet als ondernemer afneemt, zoals de btw die drukt op kosten van beheer en onderhoud aan onroerende zaken. Hierdoor kan cumulatie van btw ontstaan als bij de vereniging leden-ondernemers zijn aangesloten die recht hebben op aftrek van voorbelasting. Om deze cumulatie te voorkomen, ontmoet het in die situatie geen bezwaar dat deze leden-ondernemers de btw die aan de vereniging in rekening is gebracht in aftrek brengen. Dit geldt alleen voor zover de leden-ondernemers de betreffende goederen en diensten gebruiken voor belaste handelingen. In dit kader keur ik het volgende goed met toepassing van artikel 63 AWR (hardheidsclausule).

Goedkeuring

Ik keur onder de volgende voorwaarden goed dat de door de vereniging van eigenaren niet in aftrek gebrachte btw door de leden-ondernemers in aftrek kan worden gebracht.

Voorwaarden

Voor deze goedkeuring gelden de volgende voorwaarden:

– De vereniging van eigenaren heeft de goederen en diensten niet als ondernemer aangeschaft;

– De aftrek door de leden-ondernemers vindt plaats naar rato van de financiële bijdrage van de desbetreffende ondernemer aan de vereniging en met inachtneming van de ter zake geldende wettelijke bepalingen (met name artikel 15 van de wet en de artikelen 11 t/m 14a van de beschikking); en

– De leden-ondernemers nemen voor de btw-heffing ten aanzien van de desbetreffende goederen alle rechten en verplichtingen op zich alsof de btw aan hen in rekening is gebracht en alsof zij de beschikkingsmacht over het goed hebben verworven.

Toepassing van de goedkeuring brengt dus bijvoorbeeld met zich dat de leden-ondernemers de herzieningsbepalingen (de artikelen 11 t/m 14a van de beschikking) toepassen op eventuele investeringsgoederen en -diensten die onder deze faciliteit zijn gebracht.

1 Het drempelbedrag van artikel 13, eerste lid, onderdeel c van de beschikking wordt bij de vereniging van eigenaren getoetst en niet op het niveau van de leden-ondernemers.

Verder herzien de leden-ondernemers de eerder in aftrek gebrachte btw als de vereniging het betrokken investeringsgoed binnen de herzieningstermijn doorlevert. Hierbij geldt dat het betrokken investeringsgoed of de betrokken investeringsdienst geacht wordt tot het einde van de herzieningstermijn volledig te zijn gebruikt voor vrijgestelde handelingen.

Regeling
Omzetbelasting, aftrek van omzetbelasting
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
25-08-2026
BWB-id
BWBR0044485
Versie
2026-08-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl