wetzoeker

1.1 — Gebruikte begrippen en afkortingen Omzetbelasting, aftrek van omzetbelasting

Gebruikte begrippen en afkortingen

aftrek van voorbelasting: aftrek van btw voor de aanschaf van goederen en diensten die een ondernemer gebruikt voor belaste handelingen als bedoeld in artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968

AWR: Algemene wet inzake rijksbelastingen

beschikking: Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968

btw: Omzetbelasting

btw-richtlijn: Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde

BUA: Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968

HvJ: Hof van Justitie van de Europese Unie

HR: Hoge Raad der Nederlanden

investeringsdienst: dienst aan een of meer onroerende zaken die deze meerjarig dient, inclusief materialen, installaties, machines en werktuigen die, na installatie of montage, als onroerend kwalificeren, en waarbij de vergoeding voor deze dienst ten minste € 30.000 bedraagt (artikel 2a, eerste lid, onderdeel y van de Wet op de omzetbelasting 1968 in samenhang met artikel 13, eerste lid, onderdeel c van de beschikking)

investeringsgoederen: goederen waarvan de aftrek gedurende een periode van vier boekjaren (roerende zaken) of negen boekjaren (onroerende zaken) na het jaar van de eerste ingebruikneming wordt beoordeeld (artikel 13, tweede en derde lid, van de beschikking)

wet: Wet op de omzetbelasting 1968

Regeling
Omzetbelasting, aftrek van omzetbelasting
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
25-08-2026
BWB-id
BWBR0044485
Versie
2026-08-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl