wetzoeker

Artikel Gedragscode Leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Het Kamerlid is zich ervan bewust dat hij een publiek ambt uitoefent dat rechten en plichten met zich meebrengt. Dit leidt tot de volgende gedragsregels.

1. Het Kamerlid oefent zijn ambt uit in onafhankelijkheid en in het algemeen belang.

2. Het Kamerlid accepteert geen gift of gunst die bedoeld is om zijn handelen in het ambt te beïnvloeden.

3. Het Kamerlid voldoet aan de registratieverplichtingen die het ambt hem oplegt.

4. Het Kamerlid gebruikt in het ambt verkregen informatie niet voor persoonlijke belangen en waarborgt, indien van toepassing, het vertrouwelijke karakter ervan.

Regeling
Gedragscode Leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Soort
Reglement
Geldend vanaf
12-09-2024
BWB-id
BWBR0044206
Versie
2024-09-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl