wetzoeker

Artikel 10 — Onvrijwillige non-activiteit, schorsing en van werk naar werk traject Beleidsregels WNT 2021

Onvrijwillige non-activiteit, schorsing en van werk naar werk traject

1. Bezoldiging tijdens non-activiteit voorafgaand aan einde dienstverband telt in afwijking van het bepaalde in artikel 2.10, derde lid, van de WNT niet mee als uitkering wegens beëindiging van het dienstverband maar als bezoldiging indien:

a. de werkgever de non-activiteit eenzijdig heeft opgelegd;

b. de topfunctionaris uitdrukkelijk en aantoonbaar niet met de non-activiteit heeft ingestemd. Enerzijds doordat de topfunctionaris daartegen heeft geprotesteerd en anderzijds doordat de topfunctionaris zich bereid heeft verklaard tot en beschikbaar heeft gesteld voor het verrichten van zijn of haar arbeid, en

c. de periode van non-activiteit niet langer duurt dan noodzakelijk voor partijen om afspraken te maken en besluiten te nemen over de beëindiging, dan wel voortzetting van het dienstverband. Hierbij wordt een periode van drie maanden (die eenmaal, gemotiveerd, met drie maanden kan worden verlengd) in het algemeen als voldoende beschouwd voor partijen om uit een impasse te komen.

Regeling
Beleidsregels WNT 2021
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2021
BWB-id
BWBR0044192
Versie
2021-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl