wetzoeker

7 — Voorbereiding en uitvoering berekening feitelijke geluidsbelasting Regeling geluidsbelasting luchtvaartterreinen BES

Voorbereiding en uitvoering berekening feitelijke geluidsbelasting

Het voorliggende voorschrift is van toepassing voor de berekening van zowel de maximaal toelaatbare geluidsbelasting als de feitelijke geluidsbelasting. Ten aanzien van de invoer van een berekening van de feitelijke geluidsbelasting is er een aantal specifieke voorschriften welke onderstaand beschreven worden.

In een berekening van de feitelijke geluidsbelasting wordt gebruik gemaakt van de in het luchthavenregister vastgelegde gegevens met betrekking tot de vliegtuig- en helikopterbewegingen over de periode waarop de berekening van de feitelijke geluidsbelasting betrekking heeft. In een berekening van de feitelijke geluidsbelasting wordt gebruik gemaakt van de volgende door een exploitant te registreren kenmerken van bewegingen:

• Luchtvaartuigtype (ICAO-code);

• Luchtvaartuigregistratienummer;

• MTOW luchtvaartuigtype;

• Baangebruik;

• Vluchtsoort (start/landing/circuit);

• CBS-vluchtcode;

• Bestemmingsluchthaven bij starts;

• Het gevolgde circuit;

• Start of landingstijdstip;

• IFR / VFR;

• Aantal bewegingen (waarbij één circuitvlucht geldt als 2 bewegingen).

Bij het samenstellen van de invoer voor een berekening van de feitelijke geluidsbelasting gelden de volgende specifieke voorschriften.

1. Bij de berekening van de feitelijke geluidsbelasting wordt voor de luchtvaartuigen die zijn gecertificeerd volgens ICAO Annex 16 – Volume I – hoofdstuk 6 of 10, de geluidscategorie afgeleid op basis van het luchtvaartuigregistratienummer of het luchtvaartuigtype, volgens de volgende stappen:

a) Indien een luchtvaartuigregistratie is opgenomen in het Luchtvaartuigregister (LVTR) dient de geluidscategorie daaruit te worden overgenomen. Hierbij wordt opgemerkt dat in het LVTR alleen in Nederland geregistreerde luchtvaartuigen zijn opgenomen.

b) Indien verifieerbare informatie beschikbaar is over de geluidscategorie van een buitenlandse luchtvaartuigregistratie (i.e. een geluidscertificaat) wordt hiervan gebruik gemaakt. De gegevens van geluidscertificaten van buitenlandse luchtvaartuigregistratie zijn vastgelegd in de zogenaamde aanvullende lijst. Bij het vaststellen van de geluidscategorie voor buitenlandse luchtvaartuigen wordt gebruik gemaakt van deze aanvullende lijst. Indien een luchtvaartuigregistratie nog niet voorkomt in de aanvullende lijst, wordt deze toegevoegd waarbij gebruik wordt gemaakt van de gegevens op het geluidscertificaat van de betreffende luchtvaartuigregistratie.

c) Indien voor een luchtvaartuigregistratie geen informatie over de geluidscategorie in het LVTR of de aanvullende lijst is opgenomen, wordt de geluidscategorie vastgesteld op basis van het ICAO luchtvaartuigtype volgens de toedeling van ICAO luchtvaartuigtypen naar de categorieën van luchtvaartuigen zoals vastgelegd in de indelingslijst [Ref. 5].

Voor luchtvaartuigen die niet volgens hoofdstuk 6 of hoofdstuk 10 zijn gecertificeerd wordt de geluidscategorie rechtstreeks bepaald op basis van de ICAO-code van het luchtvaartuigtype, zoals vastgelegd in de indelingslijst [Ref 5].

2. Bij de berekening van de feitelijke geluidsbelasting worden dezelfde grondpaden van routes (en eventueel spreiding) toegepast als zijn gehanteerd in de berekening van de maximaal toelaatbare geluidsbelasting.

3. In een berekening van de feitelijke geluidsbelasting wordt voor de starts van het groot verkeer de afstandklasse van een passage met een luchtvaartuig afgeleid van de geregistreerde bestemmingsluchthaven. Hierbij dient de grootcirkel afstand tussen het luchtvaartterrein van vertrek en de bestemmingsluchthaven te worden bepaald en vertaald naar één van de afstandklassen die zijn gedefinieerd in de Appendices [ref 2.].

Voor de te gebruiken versie van de Appendices en de indelingslijst in een berekening van de feitelijke geluidsbelasting wordt verwezen naar paragraaf 3.2 van dit berekeningsvoorschrift.

Met een berekening van de feitelijke geluidsbelasting dient de 56 dB(A) contour te worden vastgesteld conform Appendix A van dit voorschrift. De 56 dB(A) contour van de feitelijke geluidsbelasting wordt vergeleken met de 56 dB(A) contour van de maximaal toelaatbare geluidsbelasting. Hierbij dient de 56 dB(A) contour van de feitelijke geluidsbelasting volledig te vallen binnen of op de 56 dB(A) contour van de maximaal toelaatbare geluidsbelasting.

Regeling
Regeling geluidsbelasting luchtvaartterreinen BES
Soort
Ministeriële regeling BES
Geldend vanaf
01-10-2020
BWB-id
BWBR0043966
Versie
2020-10-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl