wetzoeker

Tijdelijke regeling tegemoetkoming studenten in verband met de uitbraak van COVID-19

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 7 juli 2020, nr. 24674751, houdende tegemoetkoming voor studievertraging in verband met de uitbraak van COVID-19 (Tijdelijke regeling tegemoetkoming studenten in verband met de uitbraak van COVID-19)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2024
Rechtsgebied
Onderwijsrecht
Ministerie
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
BWB-id
BWBR0043922
Versie
2024-01-01_0
SHA-256 bron
214b793a5bed1643cc214fad00f0ee02f4c58df121bf5be8e6d787a7cbd76ec7

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (22)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12
  13. Artikel 13
  14. Artikel 14
  15. Artikel 14a
  16. Artikel 14b
  17. Artikel 14c
  18. Artikel 14d
  19. Artikel 14e
  20. Artikel 15
  21. Artikel 15a
  22. Artikel 16

Paragraaf 1 — Algemeen

Artikel 1

1 In deze regeling wordt verstaan onder Minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

2 In deze regeling wordt in paragrafen 2, 3 en 4a verstaan onder:

a. bankrekening: het bij de Minister bekende bankrekeningnummer waarop de student studiefinanciering op grond van de Wsf 2000 ontvangt;

b. opleiding:

1°. een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste en tweede lid, van de WEB, verzorgd aan een bekostigde instelling in de zin van artikel 1.1.1 van de WEB; of

2°. een opleiding hoger onderwijs als bedoeld in artikel 7.3a, eerste lid, onder b, en tweede lid, van de WHW met accreditatie in de zin van artikel 1.1 van de WHW aan een bekostigde instelling in de zin van artikel 1.8, eerste lid, van de WHW;

c. student: degene die een opleiding volgt, niet zijnde extraneus, en voor zover het een student aan een beroepsopleiding betreft, die op 1 augustus 2020 de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt;

d. Wsf 2000: Wet studiefinanciering 2000.

3 In deze regeling wordt in paragraaf 4 verstaan onder:

a. bankrekening: het bij de Minister bekende bankrekeningnummer waarop de student studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering BES ontvangt;

b. opleiding:

1°. een beroepsopleiding die vergelijkbaar is met een beroepsopleiding in de zin van artikel 1.1 van de Wsf BES waarvoor in artikel 2 van de Regeling studiefinanciering BES criteria zijn vastgesteld; of

2°. een opleiding hoger onderwijs in de zin van artikel 1.1, eerste lid, van de Wsf BES;

c. student: degene die een opleiding volgt, niet zijnde extraneus;

d. Wsf BES: Wet studiefinanciering BES.

Paragraaf 2 — Tegemoetkoming voor extra kosten vanwege studievertraging

Artikel 2

Vervallen

Paragraaf 2 — Tegemoetkoming voor extra kosten vanwege studievertraging

Artikel 3

Vervallen

Paragraaf 2 — Tegemoetkoming voor extra kosten vanwege studievertraging

Artikel 4

Vervallen

Paragraaf 2 — Tegemoetkoming voor extra kosten vanwege studievertraging

Artikel 5

Vervallen

Paragraaf 3 — Tegemoetkoming voor studenten voor wie de aanspraak op een basis- of aanvullende beurs afloopt in de periode juni 2020 tot en met de laatste maand van het studiejaar 2022–2023

Artikel 6

Vervallen

Paragraaf 3 — Tegemoetkoming voor studenten voor wie de aanspraak op een basis- of aanvullende beurs afloopt in de periode juni 2020 tot en met de laatste maand van het studiejaar 2022–2023

Artikel 7

Vervallen

Paragraaf 3 — Tegemoetkoming voor studenten voor wie de aanspraak op een basis- of aanvullende beurs afloopt in de periode juni 2020 tot en met de laatste maand van het studiejaar 2022–2023

Artikel 8

Vervallen

Paragraaf 3 — Tegemoetkoming voor studenten voor wie de aanspraak op een basis- of aanvullende beurs afloopt in de periode juni 2020 tot en met de laatste maand van het studiejaar 2022–2023

Artikel 9

Vervallen

Paragraaf 4 — Tegemoetkoming studenten Caribisch Nederland

Artikel 10

Vervallen

Paragraaf 4 — Tegemoetkoming studenten Caribisch Nederland

Artikel 11

Vervallen

Paragraaf 4 — Tegemoetkoming studenten Caribisch Nederland

Artikel 12

Vervallen

Paragraaf 4 — Tegemoetkoming studenten Caribisch Nederland

Artikel 13

Vervallen

Paragraaf 4 — Tegemoetkoming studenten Caribisch Nederland

Artikel 14

Vervallen

Paragraaf 4a — Extra reisvoorziening

Artikel 14a

1 Een ho-student die in de periode maart tot en met december 2020 voor de duur van minimaal 1 kalendermaand aanspraak had op een reisvoorziening en voor wie in die periode voor een of meerdere maanden een vorm van reguliere studiefinanciering als bedoeld in hoofdstuk 3 van de Wsf 2000 is toegekend, komt in aanmerking voor een extra reisvoorziening, bestaande uit een verlenging van de duur van de aanspraak op een reisvoorziening, als bedoeld in artikel 5.2 van de Wsf 2000, met de duur van 12 kalendermaanden.

2 De verlengde aanspraak op reisvoorziening wordt toegekend aansluitend aan de laatste maand van de reguliere aanspraak op reisvoorziening.

Paragraaf 4a — Extra reisvoorziening

Artikel 14b

1 De extra reisvoorziening, bedoeld in artikel 14a, wordt ambtshalve toegekend.

2 In afwijking van het eerste lid, vindt toekenning van de extra reisvoorziening, bedoeld in artikel 14a, plaats op aanvraag in het geval waarin de reguliere reisvoorziening vóór 1 april 2021 was geëindigd.

Paragraaf 4a — Extra reisvoorziening

Artikel 14c

De extra reisvoorziening wordt uitsluitend met terugwerkende kracht toegekend voor de maand of maanden waarover een student voor wie de aanspraak op de reguliere reisvoorziening reeds was geëindigd een bedrag als bedoeld in artikel 3.27, tweede lid, van de Wsf 2000 aan de Minister is verschuldigd.

Paragraaf 4a — Extra reisvoorziening

Artikel 14d

De extra reisvoorziening wordt toegekend in de vorm van een prestatiebeurs.

Paragraaf 5 — Slotbepalingen

Artikel 14e

Geen tegemoetkoming wordt toegekend aan een student van wie de aanspraak op tegemoetkoming pas ontstaat na het studiejaar 2022–2023.

Paragraaf 5 — Slotbepalingen

Artikel 15

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Paragraaf 5 — Slotbepalingen

Artikel 15a

Met ingang van 1 januari 2024 vervallen de paragrafen 2, 3 en 4 van deze regeling.

Paragraaf 5 — Slotbepalingen

Artikel 16

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling tegemoetkoming studenten in verband met de uitbraak van COVID-19.