wetzoeker

Besluit geweldsregistratie

Besluit van de Minister van Justitie en Veiligheid van 3 juni 2020 houdende regels voor de geweldsregistratie (Besluit geweldsregistratie)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2020
Rechtsgebied
Openbare orde en veiligheidsrecht
Ministerie
Justitie en Veiligheid
BWB-id
BWBR0043644
Versie
2020-07-01_0
SHA-256 bron
a0b1b4b042fc7856b76b1d8db0b0db387ed98517f38aba093fb1ba5f398a3894

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (13)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. 1 — Melding en registratie
  5. 2 — Tijdstip en locatie
  6. 3 — De hulpofficier van justitie
  7. 4 — De ambtenaar die geweld heeft aangewend
  8. 5 — Indien geweld is aangewend onder leiding van een ter plaatste aanwezige meerdere na diens uitdrukkelijke last
  9. 6 — Geoefendheid van de ambtenaar
  10. 7 — Legitimeren
  11. 8 — Optreden onder een ter plaatse aanwezige meerdere
  12. 9 — Geweldsaanwending
  13. 10 — Persoonlijke ervaring van de ambtenaar

Artikel 1

In de registratie, bedoeld in artikel 17, derde lid, van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren worden ten minste de in de bijlage bij dit besluit bedoelde gegevens vastgelegd.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 2020.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit geweldsregistratie.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 1 — Melding en registratie

1 — Melding en registratie

1.1 De datum en het tijdstip van de geweldsmelding aan de hulpofficier van justitie.

1.2 De datum en het tijdstip van de geweldsregistratie door de hulpofficier van justitie.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 2 — Tijdstip en locatie

2 — Tijdstip en locatie

2.1 De datum en het tijdstip van de geweldsaanwending.

2.2 De locatie van de geweldsaanwending.

2.3 Een beknopte omschrijving van de locatie van de geweldsaanwending.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 3 — De hulpofficier van justitie

3 — De hulpofficier van justitie

3.1 De naam van de hulpofficier van justitie.

3.2 De rang of functie van de hulpofficier van justitie.

3.3 De eenheid of het dienstonderdeel van de hulpofficier van justitie.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 4 — De ambtenaar die geweld heeft aangewend

4 — De ambtenaar die geweld heeft aangewend

4.1 De naam of het nummer van de ambtenaar die geweld heeft aangewend.

4.2 De rang of functie van de ambtenaar die geweld heeft aangewend.

4.3 De eenheid of het dienstonderdeel van de ambtenaar die geweld heeft aangewend.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 5 — Indien geweld is aangewend onder leiding van een ter plaatste aanwezige meerdere na diens uitdrukkelijke last

5 — Indien geweld is aangewend onder leiding van een ter plaatste aanwezige meerdere na diens uitdrukkelijke last

5.1 De naam of het nummer van die meerdere.

5.2 De rang of functie van die meerdere.

5.3 De eenheid of het dienstonderdeel van die meerdere.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 6 — Geoefendheid van de ambtenaar

6 — Geoefendheid van de ambtenaar

6.1 Het gegeven of de ambtenaar de voor hem van toepassing zijnde toetsen als bedoeld in:

a. artikel 1, onder d, van de Regeling toetsing geweldsbeheersing politie, dan wel artikel 1, onder e, van de Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar en ambtenaren van bijzondere opsporingsdiensten, in het daaraan voorafgaande kalenderjaar met voldoende resultaat heeft afgelegd.

b. artikel 1, onder e, van de Regeling toetsing geweldsbeheersing politie, dan wel artikel 1, onder f, van de Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar en ambtenaren van bijzondere opsporingsdiensten, in het daaraan voorafgaande kalenderjaar met voldoende resultaat heeft afgelegd.

c. artikel 1, onder f, van de Regeling toetsing geweldsbeheersing politie, dan wel artikel 1, onder g, van de Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar en ambtenaren van bijzondere opsporingsdiensten, in het daaraan voorafgaande kalenderhalfjaar met voldoende resultaat heeft afgelegd.

6.2 Het gegeven of de ambtenaar als geleider surveillancehond of geleider AOT-hond de keuring, bedoeld in artikel 13 van de Regeling politiehonden, met goed gevolg heeft afgelegd en een op de dag van de geweldsaanwending geldig certificaat op naam van de combinatie van de geleider en de hond is verstrekt.

6.3 Indien het geweld is aangewend door een militair van de Koninklijke marechaussee of van een ander onderdeel van de krijgsmacht, het gegeven of die militair overeenkomstig de door of namens de Minister van Defensie voorgeschreven regels in het gebruik van het geweldmiddel is geoefend.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 7 — Legitimeren

7 — Legitimeren

7.1 Het gegeven of de ambtenaar optrad in uniform of in burgerkleding.

7.2 Indien de ambtenaar optrad in burgerkleding het gegeven of de ambtenaar zich legitimeerde.

7.3 Indien de ambtenaar optrad in burgerkleding en zich niet legitimeerde of optrad in uniform en zich op verzoek niet legitimeerde, een beschrijving van de redenen daartoe.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 8 — Optreden onder een ter plaatse aanwezige meerdere

8 — Optreden onder een ter plaatse aanwezige meerdere

8.1 Het gegeven of de ambtenaar, al dan niet in gesloten verband, optrad onder leiding van een ter plaatse aanwezige meerdere.

8.2 Indien de ambtenaar optrad onder leiding van een ter plaatse aanwezige meerdere, het gegeven of de ambtenaar het geweld aanwendde op uitdrukkelijk last van die meerdere en een beschrijving van die last.

8.3 Indien de ambtenaar optrad onder leiding van een ter plaatse aanwezige meerdere, het gegeven of die meerdere vooraf bepaalde dat diens uitdrukkelijke last niet was vereist voorafgaand aan het aanwenden van geweld.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 9 — Geweldsaanwending

9 — Geweldsaanwending

9.1 Een beschrijving van de situatie waarin de geweldsaanwending plaatshad.

9.2 Een beschrijving van de persoon of personen of de zaak of zaken waartegen de geweldsaanwending plaatshad.

9.3 Een beschrijving van het doel van de geweldsaanwending, waaronder de redenen die tot de geweldsaanwending hebben geleid.

9.4 Een beschrijving van de wijze waarop voorafgaand aan de geweldsaanwending is gewaarschuwd of bij het ontbreken daarvan een beschrijving van de redenen van het achterwege laten.

9.5 Een beschrijving van de aard van de geweldsaanwending, waaronder indien van toepassing het daarbij gebruikte geweldmiddel en de wijze van het gebruik daarvan.

9.6 Een beschrijving van de gevolgen van de geweldsaanwending.

Bijlage — als bedoeld in artikel 1 van Besluit geweldsregistratie › 10 — Persoonlijke ervaring van de ambtenaar

10 — Persoonlijke ervaring van de ambtenaar

10.1 Een beschrijving van de persoonlijke ervaring van de ambtenaar bij de geweldsaanwending.

10.2 Indien de ambtenaar die geweld heeft aangewend, onder leiding van een ter plaatse aanwezige meerdere heeft opgetreden en geweld heeft aangewend na diens uitdrukkelijke last, een beschrijving van de persoonlijke ervaring van die meerdere bij de geweldsaanwending.