wetzoeker

Artikel 6 Instellingsbesluit Commissie Mijnbouwschade

1 De Commissie wijst naar aanleiding van een schademelding één of meerdere deskundigen aan om, binnen een daartoe door de Commissie gestelde termijn van ten hoogste zes maanden na ontvangst van de schademelding, een deskundigenrapport uit te brengen in het licht van het door de Commissie op te stellen advies, waarbij het onderzoek zal worden verricht op basis van een in de branche gangbare, algemeen erkende beoordelingsmethodiek voor schadevaststelling. De Commissie streeft ernaar dat de opname door de deskundige zo spoedig mogelijk maar uiterlijk binnen drie maanden na aanwijzing van de deskundige plaatsvindt.

2 De Commissie stelt partijen in kennis van de aanwijzing van één of meerdere deskundigen.

3 De deskundige stelt een onderzoek in naar en geeft zijn deskundig oordeel over:

a. de aard, omvang en, voor zover relevant, de vermoedelijke datum van ontstaan van de gemelde fysieke schade;

b. wat de vermoedelijke oorzaak of oorzaken van de schade is of zijn;

c. of naar het oordeel van de deskundige een causaal verband kan worden vastgesteld tussen de schade en bodembeweging en tussen bodembeweging en de exploitatie van een mijnbouwwerk;

d. met welke omgevingsfactoren of gebouwkenmerken rekening moet worden gehouden bij de beoordeling van de schademelding, en

e. de vraag naar de omvang van de schade die kan worden toegerekend aan bodembeweging door de exploitatie van een mijnbouwwerk.

4 De deskundige maakt bij zijn onderzoek gebruik van de uitkomsten van de bouwkundige opnames die op grond van artikel 35, eerste lid, onderdeel g, van de Mijnbouwwet zijn verricht ten behoeve van het instemmingsbesluit, bedoeld in artikel 34, derde lid, van de Mijnbouwwet in het betreffende gebied.

5 Indien de deskundige over een van de in het derde lid genoemde onderdelen geen oordeel kan geven, dan geeft hij in zijn rapport aan welk onderdeel dit betreft en om welke reden hij geen oordeel kon geven.

6 De deskundige zendt het rapport met bevindingen aan de Commissie.

7 De deskundige werkt volgens de werkwijze zoals vastgesteld door de Commissie op basis van artikel 2, negende lid, van het Instellingsbesluit en neemt de regels van het civielrechtelijke aansprakelijkheids- en schadevergoedingsrecht in acht.

8 Indien de deskundige binnen de termijn zoals vastgesteld door de Commissie geen rapport kan uitbrengen, deelt de deskundige dit aan de Commissie mee voor het einde van de termijn en onder opgaaf van reden. De deskundige geeft daarbij een zo kort mogelijke termijn die maximaal drie maanden bedraagt waarbinnen wel kan worden gerapporteerd.

9 Indien het voor het uitbrengen van een rapport noodzakelijk is dat meer of andere deskundigen worden benoemd om onderzoek te doen, kan de deskundige de Commissie daarom verzoeken of kan de Commissie uit eigen beweging besluiten om een aanvullend rapport te vragen.

Regeling
Instellingsbesluit Commissie Mijnbouwschade
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
17-10-2025
BWB-id
BWBR0043624
Versie
2025-10-17_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl