wetzoeker

7 — Procedure Aanwijzing toezeggingen aan getuigen in strafzaken

Procedure

7.1. Initiatief

• Het initiatief tot het maken van een afspraak kan zowel van de officier van justitie als van de kroongetuige uitgaan.

• Indien de getuige de wens tot het maken van een afspraak kenbaar maakt aan de politie, stelt deze de officier van justitie daarvan onverwijld in kennis. Een toezegging kan uitsluitend worden gedaan door de officier van justitie.

7.2. Gesprek met de getuige

• De officier van justitie begint het gesprek met de kroongetuige over het maken van een afspraak met verkregen toestemming van de hoofdofficier van justitie.

• In dat gesprek wijst de officier van justitie de getuige erop dat hij de (globale) inhoud en de strekking van de door de getuige af te leggen verklaring schriftelijk vastlegt.

• De officier van justitie beoordeelt vervolgens of die verklaring een voldoende basis vormt om een onderhandelingsproces te starten.

• Indien de officier van justitie van oordeel is dat er onvoldoende basis is om dat onderhandelingsproces te starten, worden de gesprekken beëindigd.

7.3. Onderhandelingsproces

• Indien nadere onderhandelingen niet tot resultaat leiden, is het gebruik van de verklaring van de kroongetuige door het OM uitgesloten. Vgl. ook artikel 226h, vierde lid, Sv: de stukken worden pas in het dossier gevoegd nadat de afspraak tot stand is gekomen.

• De officier van justitie bevordert dat de getuige zich tijdens het onderhandelingsproces laat bijstaan door een gekozen of toegevoegde raadsman.

• De behandelend officier van justitie legt het verloop van de onderhandelingen met de getuige nauwkeurig en schriftelijk vast in een journaal.

• De behandelend officier van justitie vergewist zich van de deugdelijkheid van de verklaring van de getuige en diens betrouwbaarheid.

7.4. Het op schrift stellen van de afspraak

• De voorgenomen afspraak wordt op schrift gesteld en bevat een zo nauwkeurig mogelijke omschrijving van:

a) de misdrijven waarover, en (zo mogelijk) de verdachte(n) tegen wie de getuige bereid is een getuigenverklaring af te leggen;

b) de strafbare feiten waarvoor de getuige in de zaak waarin hij zelf verdachte is, wordt vervolgd of waarvoor hij is veroordeeld en op welke de toezegging betrekking heeft;

c) de voorwaarden die aan de getuige worden gesteld en waaraan deze bereid is te voldoen;

d) de inhoud van de toezegging (artikel 226g, tweede lid, Sv).

• De twee voorwaarden genoemd in paragraaf 6 worden in ieder geval op schrift gesteld.

• Over de op schrift gestelde voorgenomen afspraak wordt het advies gevraagd van de landsadvocaat.

7.5. Toetsing afspraak door het College van procureurs-generaal

• De op schrift gestelde voorgenomen afspraak wordt, door tussenkomst van de Centrale Toetsingscommissie, door de betrokken hoofdofficier van justitie ter toetsing voorgelegd aan het College van procureurs-generaal. Het advies van de landsadvocaat wordt bijgevoegd. De Centrale Toetsingscommissie adviseert het College van procureurs-generaal.

• Indien daarvoor aanleiding bestaat, treedt het College van procureurs-generaal in overleg met de Minister van Justitie en Veiligheid over de voorgenomen afspraak. Aanleiding bestaat daartoe in ieder geval indien aan de afspraak politiek gevoelige aspecten zijn verbonden.

7.6. Toetsing afspraak door rechter-commissaris

• De officier van justitie stelt, na verkregen toestemming van het College van procureurs-generaal voor het maken van de afspraak, de rechter-commissaris daarvan in kennis. Hij vordert de toetsing van de rechtmatigheid van de afspraak (artikel 226g, derde lid, Sv).

• De officier van justitie informeert de rechter-commissaris over eventuele eenzijdige beslissingen als bedoeld in par. 2.2, die naast de toezegging tot strafvermindering aan de kroongetuige zijn of zullen worden gedaan. Hij informeert de rechter-commissaris daarnaast in ieder geval over een schikking als bedoeld in artikel 511c Sv, indien van een dergelijke schikking sprake is.

6 HR 23 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:600 (Liquidatieproces Passage); r.o. 3.13.

• Toezeggingen in verband met de feitelijke bescherming van de getuige maken geen deel uit van de in artikel 226g, eerste lid, Sv bedoelde afspraak.

7 HR 23 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:600 (Liquidatieproces Passage); r.o. 3.11.

7.7. De overeenkomst

• Nadat het College van procureurs-generaal toestemming heeft verleend en de afspraak door de rechter-commissaris rechtmatig is geoordeeld, ondertekenen de officier van justitie en de getuige de schriftelijke overeenkomst.

7.8. Strafdossier en terechtzitting

• De officier van justitie voegt een afschrift van de overeenkomst in het strafdossier van de verdachte(n) op wie de verklaring van de getuige betrekking heeft en in het strafdossier van de kroongetuige. Ter terechtzitting geeft de officier van justitie volledige opening van zaken met betrekking tot de feiten en omstandigheden die van belang zijn geweest voor de totstandkoming van de overeenkomst.

• In het requisitoir in de strafzaak tegen de kroongetuige wordt melding gemaakt van de straf die de officier van justitie op grond van het tenlastegelegde feit gevorderd zou hebben indien er geen overeenkomst tot stand zou zijn gekomen, de bijdrage die de verdachte aan de strafvordering heeft geleverd en de wijze waarop hij aan zijn aangegane verplichtingen heeft voldaan en de strafvermindering die aan de verdachte gelet op deze omstandigheden zou toekomen.

• De officier van justitie streeft ernaar de strafzaak tegen de verdachte in wiens zaak door de kroongetuige een belastende verklaring is afgelegd, eerder af te doen dan de strafzaak tegen de getuige zelf.

Regeling
Aanwijzing toezeggingen aan getuigen in strafzaken
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-06-2020
BWB-id
BWBR0043568
Versie
2020-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl