wetzoeker

Artikel 22 Kadasterwet BES

Voorlopige aantekeningen en bewijs van ontvangst

1 Van aan de bewaarder uitgebrachte oproepingen, als bedoeld in artikel 20, vierde lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek BES, en van uitspraken van de rechter in eerste aanleg, aangespannen ter verkrijging van het in artikel 20, tweede lid, van Boek 3 van dat wetboek bedoelde bevel, wordt aantekening gehouden in het desbetreffende register van voorlopige aantekeningen overeenkomstig door het bestuur van de Dienst daartoe vast te stellen regels.

2 Het bestuur van de Dienst stelt voorts regels vast omtrent de wijze waarop in het register van voorlopige aantekeningen de in artikel 21, eerste lid, bedoelde boeking geschiedt, alsmede omtrent de wijze van doorhaling van voorlopige aantekeningen.

3 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van oproepingen uitgebracht aan de bewaarder ter verkrijging van een bevel van de rechter tot inschrijving van een notariële verklaring, bedoeld in artikel 43, eerste lid, onder c. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de in artikel 43, tweede lid, eerste zin, bedoelde boeking en de doorhaling van een zodanige boeking in het register van voorlopige aantekeningen.

Regeling
Kadasterwet BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
11-12-2024
BWB-id
BWBR0043565
Versie
2024-12-11_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl