wetzoeker

2.7 — Optische signaleringen naar de machinist Regeling indienststelling spoorvoertuigen 2020

Optische signaleringen naar de machinist

Het geïnstalleerde systeem van automatische treinbeïnvloeding is in staat om onderstaande optische signaleringen naar de machinist voort te brengen.

Naam | Beschrijving

‘snelheid’ | De actuele snelheid van de trein.

‘cabinesein’ | Seinbeeld dat aan de machinist wordt getoond.

‘witte lamp’ | Witte indicator die aangeeft dat de rem voldoende wordt bediend om een ATB ingreep te voorkomen.

‘rode lamp’ | Rode indicator die aangeeft dat de ATB heeft ingegrepen.

‘blauwe lamp’ | Blauwe indicator die aangeeft dat de ATB functie niet actief is, maar dat het systeem gereed is om in te schakelen zodra code in de baan beschikbaar komt.

Daarbij gelden de volgende eisen:

eis nr. | Beschrijving

4.7.1 | Bij iedere code die correspondeert met een snelheid groter of gelijk aan de maximum materieelsnelheid wordt als cabinesein ‘groen’ getoond. Bij de code die correspondeert met de hoogste gecodeerde snelheid, wordt altijd ‘groen’ getoond. Indien de trein beschikt over ERTMS/ETCS- apparatuur, dan wordt als maximum materieelsnelheid de door de machinist ingevoerde snelheid ook voor ATBEG gebruikt. In andere gevallen wordt een vaste waarde gebruikt.

4.7.2 | Bij iedere code die correspondeert met een snelheid kleiner dan de maximum materieelsnelheid, en kleiner dan de hoogste gecodeerde snelheid (140km/uur) wordt als cabinesein ‘geel’ getoond.

4.7.3 | Per bewaakt snelheidsniveau (het minimum van de materieelsnelheid en de snelheid die correspondeert met de ATB code), moet een apart cabinesein op fysiek verschillende plaatsen worden voorzien. Ter verduidelijking: alle codes die corresponderen met een snelheid groter of gelijk aan de maximum. materieelsnelheid, en dus allen leiden tot bewaking van dezelfde snelheid, leiden tot hetzelfde cabinesein (‘groen’) op dezelfde plaats. Bij de code die correspondeert met de hoogste gecodeerde snelheid, wordt altijd ‘groen’ getoond.

4.7.4 | De maximum snelheid behorend bij het cabinesein, met uitzondering van het cabinesein voor 40 kilometer per uur, moet erop worden aangegeven, mits de aangegeven snelheid niet hoger is dan de maximum materieelsnelheid.

4.7.5 | De cabineseinen dienen in oplopende snelheid (van links naar rechts, van beneden naar boven of met de snelheidsmeter mee) te worden geplaatst

4.7.6 | De maat van de cabineseinen dient tenminste 15 mm x 12 mm (hxb) te bedragen

4.7.7 | De op de cabineseinen gebruikte tekst om de snelheid mee aan te duiden, moet goed zichtbaar zijn.

4.7.8 | Optische signaleringen moeten voldoen aan de eisen geformuleerd in de eisen die voor dit onderdeel zijn genoemd bij index 11.1 in bijlage 1, tenzij dit een conflict oplevert met het bovenstaande. In dat geval geldt het bovenstaande.

Regeling
Regeling indienststelling spoorvoertuigen 2020
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0043393
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl