wetzoeker

9.3 — Toezicht op ontheffing houders Circulaire wapens en munitie 2019

Toezicht op ontheffing houders

Aan de door de Minister van Justitie en Veiligheid verleende ontheffingen is in de meeste gevallen het voorschrift verbonden dat de ontheffing uitsluitend geldt voor zover de wapens en/of munitie staan vermeld op een door de korpschef afgegeven verlof tot het voorhanden hebben van wapens en/of munitie. Hetgeen hiervoor onder B 9.1 staat vermeld geldt derhalve ook onverkort voor de controle op ontheffing houders. Ten aanzien van het opbergen van wapens en munitie kunnen in de ontheffing echter afwijkende bepalingen zijn opgenomen. Dit is met name het geval voor ontheffingen die zijn verleend aan musea.

Indien er bij een controle onregelmatigheden/overtredingen worden geconstateerd dan dient de korpschef zo spoedig mogelijk de Minister van Justitie en Veiligheid hiervan op de hoogte te stellen. De Minister van Justitie en Veiligheid zal vervolgens beoordelen of de geconstateerde onregelmatigheden/overtredingen aanleiding geven om aan betrokkene een schriftelijke waarschuwing te geven dan wel de ontheffing in te trekken.

Indien de korpschef van mening is dat de aanwezigheid van de wapens en/of munitie – die op grond van de ontheffing voorhanden mogen worden gehouden – een direct gevaar oplevert voor betrokkene of voor zijn omgeving dan kan de korpschef middels een besluit – op grond van artikel 8, tweede lid, van de WWM – de ontheffing houder gelasten om de wapens en/of munitie binnen een in dat besluit gestelde termijn bij hem in bewaring te geven. Een afschrift van een dergelijk besluit dient door de korpschef zo spoedig mogelijk aan de Minister van Justitie en Veiligheid te worden toegezonden.

Regeling
Circulaire wapens en munitie 2019
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-02-2020
BWB-id
BWBR0043120
Versie
2020-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl