wetzoeker

8.4 — Gemeenschappelijk gebruik van wapens Circulaire wapens en munitie 2019

Gemeenschappelijk gebruik van wapens

Het is niet ongebruikelijk dat verlof- of jachtaktehouders gemeenschappelijk gebruik willen maken van één of meerdere vuurwapen(s). Tegen het gemeenschappelijk gebruik van vuurwapens is geen bezwaar wanneer dit het toezicht en de controle op de naleving van wapen wettelijke voorschriften niet in gevaar brengt. Daarom moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

1. Slechts één verlof- c.q. jachtaktehouder (A) is bevoegd het wapen thuis te bewaren (voorhanden te hebben). Dit houdt in dat de andere verlof- c.q. jachtaktehouder (B) die het wapen op zijn verlof respectievelijk jachtakte vermeld heeft staan, het wapen – alvorens hij dit gaat gebruiken voor het doel waarvoor hem een verlof respectievelijk een jachtakte is verleend – eerst bij A moet ophalen om het na gebruik terstond weer bij A terug te brengen. Verlof- of jachtaktehouder A is verplicht over de deugdelijke bergplaats zoals beschreven onder 8.1 te beschikken. Deze verplichting rust niet op verlof- of jachtaktehouder B die als medegebruiker te boek staat. Verlof- of jachtaktehouder B zal het wapen of de wapens waarvan hij medegebruiker is onder geen enkele voorwaarde thuis mogen bewaren of opslaan. Enige uitzondering kan een overmacht situatie zijn, waarbij zich een levensbedreigende situatie voordoet. Maar ook dan mag de opslag niet langer voortduren dan strikt noodzakelijk.

Indien de medegebruiker munitie thuis wenst op te slaan dient hij te beschikken over een deugdelijke bergplaats.

2. De verschillende verloven c.q. jachtakten moeten ten aanzien van het gemeenschappelijk wapen onderling naar elkaar verwijzen en moeten aangeven wie van de verlof- c.q. jachtaktehouders bevoegd is het wapen thuis te bewaren;

3. Indien A bij een controle niet kan aangeven waar een wapen in medegebruik is, wordt zijn verlof ingetrokken.

Een wapen dat vermeld staat op twee verloven of jachtakten telt bij de A-houder (dit is dus degene die het wapen voorhanden heeft op het moment dat het wapen niet gebruikt wordt voor de beoefening van de schietsport of de uitoefening van de jacht door de B-houder) mee voor het maximum aantal wapens dat hij of zij (op grond van artikel 43 van de RWM) voorhanden mag hebben.

Bij de B-houder (dit is dus degene die het wapen leent van de A-houder en na gebruik terstond weer bij A terug brengt) telt het wapen niet mee voor de bepaling van het maximum aantal wapens dat hij of zij voorhanden mag hebben. Het aantal wapens dat met gebruikmaking van deze constructie op een verlof c.q. jachtakte mag worden vermeld bedraagt maximaal 10 voor een verlof en maximaal 12 vuurwapens voor een jachtakte.

Indien meerdere personen binnen een huishouden op grond van hun respectievelijke wapenverloven, allen bevoegd zijn tot het voorhanden hebben van alle binnen het huishouden aanwezige vuurwapens, mogen deze vuurwapens in dezelfde kluis worden bewaard. Dit geldt uitdrukkelijk niet wanneer de verschillende personen binnen het huishouden op grond van hun wapenverloven bevoegd zijn tot het voorhanden hebben van verschillende wapens.

Regeling
Circulaire wapens en munitie 2019
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-02-2020
BWB-id
BWBR0043120
Versie
2020-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl