wetzoeker

2.5.2 — Munitie Circulaire wapens en munitie 2019

Munitie

Aan de houder van een verlof tot het voorhanden hebben van een vuurwapen ten behoeve van de schietsport wordt in principe tevens een verlof verleend tot het voorhanden hebben van de bijbehorende categorie III munitie. De verlofhouder mag dus uitsluitend categorie III munitie voorhanden hebben die bestemd is om met het desbetreffende wapen te worden verschoten. Het voorhanden hebben van categorie II munitie is dus – met uitzondering van expanderende projectielen (zie hieronder) – niet toegestaan.

Maximum hoeveelheid munitie

Het aantal stuks munitie dat een verlofhouder (en een jachtaktehouder) voorhanden mag hebben wordt in beginsel beheerst door de milieuwetgeving. Ingevolge het Activiteitenbesluit op de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, mag de verlofhouder (jachtaktehouder) – zonder vergunning op grond van deze wet – 10.000 stuks eenheidspatronen voorhanden hebben. Indien bijzondere omstandigheden naar het oordeel van de korpschef daartoe nopen, kan op grond van de Wet wapens en munitie het aantal stuks munitie dat de verlofhouder voorhanden mag hebben, (gemotiveerd) worden beperkt.

Expanderende projectielen

De houder van een verlof tot het voorhanden hebben van wapens en munitie ten behoeve van de schietsport mag de bij die wapens behorende categorie III munitie voorhanden hebben alsmede munitie voorzien van expanderende projectielen. In artikel 2, tweede lid, categorie II, onder 4 is namelijk bepaald dat munitie voorzien van expanderende projectielen in principe categorie II munitie is tenzij deze munitie bestemd is voor de jacht of de schietsport. In dat geval dient deze munitie te worden aangemerkt als categorie III munitie.

Losse flodders

Ook zogenoemde ‘losse flodders’ zijn munitie in de zin van artikel 1, onder 4, van de WWM

32 Zie de uitspraak van de Raad van State van 18 juli 2001 (nr: 200005685/1) en het arrest van de Hoge Raad van 24 november 1987.

. Het bezit van deze categorie III munitie – die onder meer gebruikt wordt voor instructie doeleinden en bij re-enactment – is dus onder meer toegestaan voor houders van een verlof tot het voorhanden hebben van vuurwapens ten behoeve van de schietsport of ten behoeve van re-enactment.

Loodhagel & Zinkhagel

Een ieder – aan wie een verlof of jachtakte is verleend voor het voorhanden hebben van een hagelgeweer en de bijbehorende (categorie III) munitie – mag op grond van deze vergunning (zonder extra aantekening) lood- en zinkhagelmunitie voorhanden hebben (bijvoorbeeld ter uitoefening van de jacht of de beoefening van de schietsport in het buitenland).

Op deze hoofdregel zijn echter twee belangrijke beperkingen van toepassing, namelijk:

1. Het gebruik van lood- en zinkhagel is – op grond van het Besluit kleiduivenschieten Wet milieugevaarlijke stoffen

33 Besluit van 19 mei 2004, houdende regels inzake het beperken van het kleiduivenschieten, Staatsblad 2004, 237

– bij het schieten op kleiduiven in Nederland niet toegestaan. Ook het voorhanden hebben van deze patronen tijdens het schieten op kleiduiven is verboden

34 Uitzondering op dit verbod is door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM), na overleg met de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), gemaakt voor aangewezen topsporters en gebruikers van geweren die zijn vervaardigd voor 1 januari 1890 en geweren die voor wat betreft model, materiaal en systeem identiek zijn aan geweren die vervaardigd zijn voor 1 januari 1890 (replica’s). Uitsluitend op deze personen is het verbod tot en met 31 december 2008 niet van toepassing.

. Het opzettelijk in strijd handelen met het Besluit kleiduivenschieten Wms is op grond van artikel 1a juncto artikel 2 van de Wet op de Economische Delicten (WED) aangemerkt als een ‘misdrijf’ en kan derhalve leiden tot intrekking van het verlof of de jachtakte;

2. Het gebruik van loodhagel is op grond van de Wet Natuurbescherming, niet toegestaan bij de uitoefening van de jacht of bij beheer- en/of schadebestrijding.

Regeling
Circulaire wapens en munitie 2019
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-02-2020
BWB-id
BWBR0043120
Versie
2020-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl