wetzoeker

2.4.5 — Schieten met vrijgestelde wapens Circulaire wapens en munitie 2019

Schieten met vrijgestelde wapens

Het komt regelmatig voor dat sportschutters de schietsport willen beoefenen met vrijgestelde (antieke) wapens waarvan het voorhanden hebben – op grond van artikel 18 van de RWM – is vrijgesteld

28 Zie ook het in bijlage C 1 opgenomen beslissingsschema

. Voor het schieten met een vrijgesteld wapen is een verlof tot het voorhanden hebben niet nodig.

De munitie voor deze vrijgestelde (antieke) wapens is – met uitzondering van ronde loden kogels (zie artikel 20 van de RWM) – echter niet vrijgesteld. Voor het beoefenen van de schietsport met een op grond van artikel 18 van de RWM vrijgesteld wapen, is voor de munitie een verlof tot voorhanden hebben vereist. Het vrijgestelde wapen is eveneens vrijgesteld van het in deze circulaire onder 2.4.1.2 opgenomen systeem van opbouw van wapentypes.

Het bestuur van de schietvereniging waarvan de schutter lid is verklaart op het formulier dat het vuurwapen waarvoor het verlof tot voorhanden hebben van munitie wordt gevraagd, zal worden aangewend voor een in bijlage C8 aangewezentak van schietsport zoals die in het verband van de vereniging kan worden beoefend.

Elk kaliber waarvan de verlofhouder munitie voorhanden wenst te houden dient apart op het verlof vermeld te worden. Voor het schieten met vrijgestelde wapens behoeven geen schietbeurten te worden geregistreerd. Het op het verlof bijschrijven van de munitie heeft geen invloed op het maximaal aantal wapens als bedoeld in artikel 43, eerste lid, van de RWM. Wel dient de aanvrager te voldoen aan de algemene voorwaarden voor de verlening van een verlof ten behoeve van de schietsport. Het vrijgestelde vuurwapen hoeft niet op het verlof te worden vermeld, enkel de vermelding van de verlofplichtige munitie.

Regeling
Circulaire wapens en munitie 2019
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-02-2020
BWB-id
BWBR0043120
Versie
2020-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl