wetzoeker

2.2 — Toezicht op de WWM Circulaire wapens en munitie 2019

Toezicht op de WWM

Onder toezicht moet worden verstaan de werkzaamheden die door of namens een bestuursorgaan worden verricht om na te gaan of voorschriften worden nageleefd. Toezicht op de naleving heeft onder meer als kenmerk dat er controles worden uitgevoerd op de naleving van de regelgeving zonder dat er sprake hoeft te zijn van een (vermoedelijke) overtreding van een wettelijk voorschrift. Het toezicht en de handhaving is geregeld in paragraaf 11 van de WWM en in hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Met het toezicht op de naleving van de wapenwetgeving zijn ingevolge artikel 45 WWM belast:

• de bij of krachtens artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering aangewezen ambtenaren;

• de bij of krachtens artikel 142, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering aangewezen buitengewone opsporingsambtenaren;

• de bij besluit van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat, aangewezen ambtenaren van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (in de wet staat nog Verkeer en Waterstaat).

Aan de toezichthoudende ambtenaren komt een aantal bevoegdheden toe. Deze bevoegdheden zijn te vinden in afdeling 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit is een overkoepelende wet die geldt voor zover er in de bijzondere wet geen afwijkende bepalingen zijn opgenomen. De WWM kent in artikel 45, derde en vierde lid, een tweetal beperkingen op de artikelen 5:18, tweede lid, en 5:19 Awb. Hieronder wordt een kort overzicht gegeven van de aan de toezichthoudende ambtenaren toekomende bevoegdheden:

• het betreden van plaatsen met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner (artikel 5:15)

• Het vorderen van inlichtingen (artikel 5:16)

• het vorderen van inzage van zakelijke gegevens en bescheiden (artikel 5:17)

• het onderzoeken, opnemen en monsters nemen van zaken (5:18), evenwel voor zover het betreft het openen van verpakkingen alleen in het kader van het onderzoek van ladingen (zie artikel 45, derde lid, WWM)

Let op:

De bevoegdheid tot het onderzoeken van vervoermiddelen (artikel 5:19) komt niet toe aan de toezichthouders in het kader van de WWM (zie artikel 45, vierde lid, WWM). In het kader van de opsporing mag deze bevoegdheid wel worden toegepast. Het controleren (fouilleren) van personen en het doorzoeken van tassen behoort niet tot de bevoegdheden bij deze bestuursrechtelijke controle.

Voor al de genoemde bevoegdheden geldt dat de toezichthouder hiervan slechts gebruik mag maken voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van zijn taak nodig is (artikel 5:13 Awb). Dit artikel waarborgt onder meer dat de toezichthouder slechts die plaatsen kan betreden waar, naar redelijk vermoeden, in verband met de uitoefening van een bedrijf, wapens of munitie aanwezig zijn.

In onderdeel B 9 worden aanwijzingen aan de korpschef gegeven voor de uitoefening van het toezicht op de naleving van de WWM.

Regeling
Circulaire wapens en munitie 2019
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-02-2020
BWB-id
BWBR0043120
Versie
2020-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl