wetzoeker

Artikel 3.5 Wet bronbelasting 2021

Heffingsgrondslag

1 De voordelen, bedoeld in artikel 3.1, onderdelen a en b, worden beschouwd te zijn genoten op het tijdstip waarop zij:

a. betaald of verrekend worden, ter beschikking van de voordeelgerechtigde worden gesteld of rentedragend worden; of

b. vorderbaar en tevens inbaar worden.

2 Gedurende het tijdvak gerijpte doch aan het einde van dat tijdvak nog niet genoten renten of royalty’s worden beschouwd op 31 december van dat tijdvak te zijn genoten.

3 Voor zover aannemelijk wordt gemaakt dat over een bedrag reeds met toepassing van het tweede lid belasting is geheven, behoort dat bedrag niet tot de voordelen, bedoeld in artikel 3.1, onderdelen a en b, op het moment dat het eerste lid toepassing vindt.

4 De voordelen, bedoeld in artikel 3.1, onderdeel c, worden beschouwd te zijn genoten op het tijdstip waarop zij ter beschikking van de voordeelgerechtigde worden gesteld.

Regeling
Wet bronbelasting 2021
Afkortingen
Wet Bb 2021
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0042952
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl