wetzoeker

a — Parkeerkosten Circulaire Specifieke aandachtspunten Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers voor gemeenten

Parkeerkosten

Onder het oude regime was er geen grondslag in het rechtspositiebesluit voor enige vergoeding van parkeerkosten. Met ingang van het nieuwe rechtspositiebesluit worden sommige parkeerkosten wel vergoed. Er wordt in dit verband onderscheid gemaakt tussen parkeerkosten bij dienstreizen en parkeerkosten bij woon-werkverkeer of privéritten. Ook is van belang om wat voor soort auto het gaat; een eigen auto of een ter beschikking gestelde auto.

Bij gebruik van de eigen auto komen parkeerkosten wel voor vergoeding in aanmerking als er sprake is van dienstreizen, maar niet bij woon-werkverkeer of privéritten.

In beginsel zijn afzonderlijke vergoedingen voor parkeergelden belast, omdat daarnaast ook €0,19 per kilometer wordt vergoed. Deze parkeervergoedingen worden bij de werkgever belast, omdat zij op grond van artikel 3.2.10, zesde lid, en artikel 3.3.8, onder g, van het besluit in de eindheffing worden betrokken.

Bij zakelijke ritten in geval van een ter beschikking gestelde auto worden parkeergelden door de fiscus echter aangemerkt als “intermediaire kosten”. Deze fiscale term wil zeggen dat het gaat om kosten die de werknemer maakt ten behoeve van de werkgever of kosten die samenhangen met het zakelijk gebruik ten behoeve van de werkgever. Vanwege dit zakelijke karakter komen deze parkeergelden niet ten laste van de ambtsdrager, maar van de gemeente.

Regeling
Circulaire Specifieke aandachtspunten Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers voor gemeenten
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
20-12-2019
BWB-id
BWBR0042920
Versie
2019-12-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl