10 — Kwalitatieve toets Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Drylands Sahel Program)
Kwalitatieve toets
Bij de kwalitatieve toets wordt de kwaliteit van de aanvraag en de aanvrager/alliantie beoordeeld. Om in aanmerking te kunnen komen voor een subsidie zal in elk geval voldoende moeten worden gescoord op elk van de hierna volgende onderdelen van de kwalitatieve toets (organisatie- en track recordtoets en voorsteltoets).
Organisatie- en track recordtoets: kwalitatieve criteria ten aanzien van de organisatie en track record van de aanvrager en in geval van een alliantie, de alliantie
21 Idem
Via onderstaande criteria wordt de kwaliteit van organisatie en track record van de aanvrager beoordeeld. Het trackrecord wordt beoordeeld aan de hand van de 5 casussen zoals vermeld in drempelcriterium 10. Waar staat ‘aanvrager’ is in geval de aanvraag wordt ingediend door een penvoerder namens een alliantie het criterium van toepassing op de alliantie als geheel.
1. De mate waarin de ervaring van de aanvrager met het uitvoeren van projecten op het gebied van de ontwikkeling van (semi)zelfvoorzienende landbouw en (semi)nomadische veehouderij in de Sahel regio succesvol is en relevant is voor de doelstelling van het DSP.
2. De mate waarin de aanvrager succesvolle en relevante ervaring heeft met het bereiken van kleinschalige producenten (smallholders) en daarbinnen de armsten en vrouwen.
3. De mate waarin de aanvrager beschikt over:
• de benodigde kennis, menskracht en middelen voor de doelmatige besteding van de middelen;
• netwerken en samenwerkingservaring met lokale organisaties en overheden in de drie landen waar de activiteiten uitgevoerd worden.
4. De mate waarin de aanvrager ervaring heeft met resultaatmeting, monitoring & evaluatie en rapportages:
• gestandaardiseerde, methodologisch onderbouwde indicatoren;
• lerende organisatie;
• resultaatgericht werken;
• evaluaties op outcome niveau;
• rapportages, waar onder rapporteren in IATI.
5. In geval van een alliantie, de mate waarin de samenwerking van de alliantie effectief (synergie tussen ervaring en competenties) en efficiënt (complementariteit van ervaring en competenties) is:
• de mate waarin een alliantie de juiste samenwerkingsvorm is voor de besteding van de subsidie conform de doelstelling van het DSP;
• de mate waarin de keuze van de alliantieleden leidt tot een efficiënte en effectieve uitvoering van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd;
• de mate waarin de alliantieleden in het algemeen en de penvoerder in het bijzonder beschikken over relevante expertise, benodigde invloed op de besluitvorming en organisatorische capaciteit om de doelstellingen van het DSP te realiseren.
Voorsteltoets: Kwalitatieve criteria ten aanzien van het voorstel
6. De mate waarin de Theory of Change van het voorgestelde programma bijdraagt aan de doelstellingen zoals geformuleerd in dit subsidiebeleidskader, en de mate waarin overtuigend is uitgewerkt op welke wijze activiteiten leiden tot de te bereiken outputs (bereik: aantal boer(inn)en, aantal hectare) en outcomes (effect op productiviteit, inkomen, water-efficiëntie, zeggenschap van vrouwen, werkgelegenheid, landgebruiksrechten, stroomgebied-beheer, weerbaarheid, instituties en duurzaamheid), alsmede de samenhang tussen deze resultaten (outputs en outcomes).
7. De mate waarin het institutionele landschap is geanalyseerd en de mate waarin die analyse is door vertaald in de interventiestrategie.
8. De mate waarin het voorgestelde programma voortbouwt op de vele interventies, ervaringen en kennis op gebied van duurzaam landgebruik in de Sahel.
9. De mate waarin genderaspecten zijn geanalyseerd en de mate waarin die analyse is door vertaald in de interventiestrategie.
10. De mate waarin lokale organisaties en overheden effectieve invloed heeft/hebben gehad op de totstandkoming en inhoud van het voorstel en het programma en op de monitoring en sturing van de activiteiten.
11. De mate waarin het voorstel erop inzet om met de activiteiten een blijvend, duurzaam effect te hebben op de beoogde doelgroepen en om de interventie-strategie institutioneel in te bedden (exit-strategie).
12. De mate waarin de aanvrager dan wel in geval van een alliantie de penvoerder kwantitatieve en kwalitatieve indicatoren hanteert die corresponderen met de in dit subsidiebeleidskader genoemde indicatoren alsmede met de door de aanvrager ontwikkelde Theory of Change.
13. De mate waarin de aanvrager dan wel in geval van een alliantie de penvoerder een adequaat risicomanagement systeem heeft of zal opzetten.
Verplichtingen verbonden aan subsidieverlening
Aan de subsidieverlening zullen verplichtingen worden verbonden, op te nemen in de subsidieverleningsbeschikking. Deze verplichtingen zullen onder andere betrekking hebben op jaarplannen en rapportages. Jaarlijks zal een jaarplan met bijbehorende begroting en liquiditeitsbehoefte voor het komende jaar moeten worden aangeleverd. Er zal onder meer moeten worden gerapporteerd op basis van open data conform de IATI-standaarden zoals die vanaf 2016 gelden. Van de aanvrager wordt verwacht de IATI-ontwikkelingen te volgen en de verantwoording op basis hiervan in te richten. Voor meer informatie hierover wordt verwezen naar de BZ publicatierichtlijnen getiteld ‘How to use the IATI standard?’
22 www.government.nl/documents/publications/2015/12/01/open-data-and-development-cooperation www.government.nl/documents/publications/2015/12/01/open-data-and-development-cooperation
. Voor organisaties die nog niet conform IATI standaard kunnen rapporteren geldt dat zij in de gelegenheid zullen worden gesteld dit alsnog te realiseren binnen een nader, via een verplichting in de subsidieverleningsbeschikking vast te stellen, termijn.
Jaarlijkse financiële en inhoudelijke rapportage dient te worden geleverd, met in ieder geval:
• een financieel jaarverslag met accountantsverklaring inclusief een rapport van bevindingen (e.e.a. conform het controleprotocol welke als annex bij de subsidiebeschikking zal zijn opgenomen);
• de geografische spreiding van de besteding van de subsidiemiddelen;
• rapportage van resultaatbereik op een aantal in de beschikking nader vast te leggen inhoudelijke (niet-financiële) indicatoren.
- Regeling
- Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Drylands Sahel Program)
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 27-02-2020
- BWB-id
- BWBR0042796
- Versie
- 2020-02-27_0