wetzoeker

Bijlage I — bij de Regeling specifieke bepalingen CRD en CRR (deel 1) Regeling specifieke bepalingen CRD en CRR

bij de Regeling specifieke bepalingen CRD en CRR

Voorwaarden voor de beoordeling van een vrijstelling van de limiet voor grote blootstellingen, overeenkomstig artikel 400, lid 2, onderdeel c) van de CRR en artikel 3:4 van deze regeling.

1. Deze bijlage is van toepassing op vrijstellingen van de limiet voor grote blootstellingen krachtens artikel 3:4 van deze regeling. Voor de toepassing van artikel 3:4 van deze regeling worden de in bijlage I bij Uitvoeringsbesluit 2014/908/EU van de Commissie

1 Uitvoeringsbesluit 2014/908/EU van de Commissie van 12 december 2014 betreffende de gelijkwaardigheid van de toezicht- en reguleringsvereisten van bepaalde derde landen en grondgebieden ten behoeve van de behandeling van blootstellingen overeenkomstig Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad.

https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?qid=1566563706168&uri=CELEX:02014D0908-20190421

opgevoerde derde landen als equivalent beschouwd.

2. Instellingen nemen de volgende criteria in acht om te beoordelen of een in artikel 400, lid 2, onderdeel c), van de CRR bedoelde blootstelling voldoet aan de voorwaarden voor een vrijstelling van de limiet voor grote blootstellingen, zulks overeenkomstig artikel 400, lid 3 van de CRR:

a) Teneinde te beoordelen of de specifieke aard van de blootstelling, de tegenpartij, of de relatie tussen de instelling en de tegenpartij, het blootstellingsrisico elimineert of reduceert, zoals bedoeld in artikel 400, lid 3, onderdeel a) van de CRR, moeten instellingen nagaan of:

i) aan de in artikel 113, lid 6, onderdelen b), c) en e) van de CRR bedoelde voorwaarden is voldaan, en met name of de tegenpartij onderworpen is aan dezelfde risicobeoordelings-, waarderings- en controleprocedures als de instelling, en of de IT-systemen geïntegreerd zijn, of ten minste, volledig op elkaar zijn afgestemd. Daarnaast moeten zij nagaan of er sprake is van enige bestaande of verwachte materiële praktische of juridische belemmering die de tijdige terugbetaling van de blootstelling door de tegenpartij aan de instelling zou belemmeren, afgezien van een herstel- of een afwikkelingssituatie waarin de in Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad

2 Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en de Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad.

https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?qid=1566563803411&uri=CELEX:02014L0059-20190627

bedoelde beperkingen toegepast moeten worden;

ii) de intragroepblootstellingen worden gerechtvaardigd door de groepsfinancieringsstructuren -strategie;

iii) het proces waarin een besluit wordt genomen om een blootstelling aan de intragroeptegenpartij goed te keuren, en het op die blootstellingen toepasselijke monitoring- en herzieningsprocedures, op individueel en geconsolideerd niveau, indien toepasselijk, vergelijkbaar zijn met de op kredietverstrekking door derden toepasselijke procedures;

iv) de risicobeheerprocedures, het IT-systeem en de interne rapportage van de instelling een doorgaande controle mogelijk maken en verzekeren dat grote blootstellingen aan groepsondernemingen in overeenstemming zijn met haar risicostrategie op het niveau van de juridische entiteit en op geconsolideerd niveau, indien toepasselijk.

b) Teneinde vast te stellen of overblijvende concentratierisico kunnen worden aangepakt met andere even doeltreffende middelen zoals de regelingen, processen en mechanismen van artikel 81 van de CRD IV, zoals bepaald in artikel 400, lid 3, onderdeel b) van de CRR, moeten instellingen nagaan of:

i) de instelling robuuste processen, procedures en controles heeft, op individueel niveau en op geconsolideerd niveau, indien toepasselijk, om te verzekeren dat het gebruik van de vrijstelling niet zou resulteren in een concentratierisico dat haar risicostrategie te boven gaat en indruist tegen de beginselen van goed intern liquiditeitsbeheer binnen de groep;

ii) de instelling formeel met het uit intragroepblootstellingen voortvloeiende concentratierisico rekening heeft gehouden als onderdeel van haar globale risicobeoordelingskader;

iii) de instelling op het niveau van de juridische entiteit en op geconsolideerd niveau, indien toepasselijk, een risicobeheersingskader heeft dat de voorgestelde blootstellingen adequaat monitort;

iv) het voorkomende concentratierisico duidelijk is geïdentificeerd in het proces voor de beoordeling van de interne kapitaaltoereikendheid (internal capital adequacy assessment process, ICAAP) van de instelling, of zulks zal gebeuren, en actief beheerd zal worden. De regelingen, processen en mechanismen voor het concentratierisicobeheer in het toetsings- en evaluatieproces in het kader van toezicht (supervisory review and evaluation process, SREP) worden beoordeeld;

v) aangetoond kan worden dat het concentratierisicobeheer strookt met het herstelplan van de groep.

3. Teneinde te verifiëren of aan de in punten 1 en 2 vastgelegde voorwaarden is voldaan, kan DNB instellingen verzoeken de volgende documentatie te verstrekken:

a) een door de wettelijke vertegenwoordiger van de instelling ondertekende en door het beheersorgaan goedgekeurde brief waarin verklaard wordt dat de instelling voldoet aan alle voorwaarden voor een vrijstelling, zoals bedoeld in artikel 400, lid 2, onderdeel c) en artikel 400, lid 3 van de CRR;

b) een door het beheersorgaan goedgekeurd juridisch advies van hetzij een externe onafhankelijke derde, hetzij een interne juridische afdeling, waarin wordt aangetoond dat niets een tijdige terugbetaling van blootstellingen door een tegenpartij aan de instelling in de weg staat, welke blootstellingen resulteren uit toepasselijke voorschriften, waaronder fiscale voorschriften, of bindende overeenkomsten;

c) een door de wettelijke vertegenwoordiger ondertekende en door het beheersorgaan goedgekeurde verklaring waarin wordt bevestigd dat:

i) er geen praktische belemmeringen zijn voor de tijdige terugbetaling van blootstellingen door een tegenpartij aan de instelling;

ii) de intragroepblootstellingen worden gerechtvaardigd door de groepsfinancieringsstructuur en -strategie;

iii) het besluitvormingsproces waarmee een blootstelling aan een intragroeptegenpartij wordt goedgekeurd, en het op die blootstellingen toepasselijke monitorings- en herzieningsproces, zowel op het niveau van de juridische entiteit en op geconsolideerd niveau, vergelijkbaar zijn met de processen die op kredietverstrekking aan derden worden toegepast;

iv) rekening is gehouden met het uit intragroepblootstellingen voortvloeiende concentratierisico als onderdeel van het globale risicobeoordelingskader van de instelling.

d) door de wettelijke vertegenwoordiger ondertekende en door het beheersorgaan goedgekeurde documentatie waarin verklaard wordt dat de risico-evaluatieprocedures, de waarderings- en controleprocedures van de instelling dezelfde zijn als die van de tegenpartij en dat de risicobeheerprocedures, het IT-systeem en de interne rapportage van de instelling mogelijk maken dat het beheersorgaan het niveau van de grote blootstelling voortdurend monitort, en dat het beheersorgaan voortdurend kan monitoren of het niveau van de grote blootstelling strookt met de risicostrategie van de instelling op het niveau van de juridische entiteit en op geconsolideerd niveau, indien toepasselijk, en of het niveau van de grote blootstelling strookt met de beginselen van goed intern liquiditeitsbeheer binnen de groep;

e) documentatie die aantoont dat de ICAAP het uit grote intragroepblootstellingen voortvloeiende concentratierisico duidelijk identificeert en dat dit risico actief beheerd wordt;

Regeling
Regeling specifieke bepalingen CRD en CRR
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
06-03-2026
BWB-id
BWBR0042578
Versie
2026-03-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl