wetzoeker

Artikel 4.7 Wet fiscale arbitrage

Advies van de arbitragecommissie en eindbesluiten

1 Indien de arbitragecommissie op grond van artikel 4.1, eerste lid, aanhef en onderdeel a, is ingesteld, neemt zij binnen zes maanden na de dag van instelling een besluit met betrekking tot de aanvaarding van de klacht. Geen beroep kan worden ingesteld tegen dit besluit over aanvaarding van de klacht.

2 De arbitragecommissie stelt Onze Minister en de andere bevoegde autoriteit in kennis van haar besluit binnen dertig dagen na de vaststelling ervan.

3 Indien de arbitragecommissie heeft besloten dat aan alle vereisten is voldaan en de klacht dient te worden aanvaard, worden Onze Minister en de andere bevoegde autoriteit in kennis gesteld van dit besluit. Op verzoek van Onze Minister of de andere bevoegde autoriteit wordt de procedure voor onderling overleg gestart. Ingeval Onze Minister dit verzoek doet, worden de arbitragecommissie, de andere bevoegde autoriteit en de belanghebbende op de hoogte gesteld van dit verzoek.

4 De termijn, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, vangt aan met ingang van de dag van de dagtekening van het besluit van de arbitragecommissie dat de klacht wordt aanvaard.

5 Indien Onze Minister of de andere bevoegde autoriteit niet binnen een termijn van zestig dagen na de dagtekening van het besluit van de arbitragecommissie dat de klacht wordt aanvaard, heeft verzocht om de procedure voor onderling overleg te starten, brengt de arbitragecommissie op de voet van artikel 4.8 advies uit over de beslechting van het geschilpunt. In dat geval wordt voor de toepassing van artikel 4.8 de arbitragecommissie geacht te zijn ingesteld met ingang van de dag waarop de termijn van zestig dagen verstrijkt.

Regeling
Wet fiscale arbitrage
Soort
Wet
Geldend vanaf
16-07-2019
BWB-id
BWBR0042409
Versie
2019-07-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl