wetzoeker

Artikel 5 Klimaatwet

Klimaatplan

1 Onze Minister stelt in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad en nadat het is overgelegd aan beide kamers der Staten-Generaal, het klimaatplan vast.

2 Op de voorbereiding van het klimaatplan is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Zienswijzen kunnen naar voren worden gebracht door een ieder.

3 De Afdeling advisering van de Raad van State wordt over het klimaatplan gehoord.

4 Onze Minister kan, in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad en gehoord beide kamers der Staten-Generaal, het klimaatplan wijzigen indien dit naar zijn oordeel noodzakelijk is om de doelstellingen, bedoeld in artikel 2, te realiseren. Het tweede en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Klimaatwet
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0042394
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl