wetzoeker

Artikel 4:21:3 Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra voor het schooljaar 2019-2020

persoonsgebonden beëindigingsgronden bij tijdelijke dienstverband

1 De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in artikel 4:21:1 op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in artikel 4:21:2.

2 De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in artikel 4:21:2 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.

3 Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:

a. De werkgever neemt eerst de loonkosten van de werknemer of de werknemers die in een tijdelijk dienstverband waren benoemd bij de berekening in aanmerking. De werkgever mag de volgorde van melden zelf bepalen.

Regeling
Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra voor het schooljaar 2019-2020
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
12-02-2020
BWB-id
BWBR0042311
Versie
2020-02-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl