wetzoeker

5.3 — Opschorten en verdagen Circulaire Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen (algemene versie)

Opschorten en verdagen

In bepaalde gevallen wordt de termijn opgeschort. Ondanks opschorting van de termijn blijft het mogelijk om de termijn te verdagen. Ter illustratie volgt een voorbeeld.

Stel, de beslistermijn van beschikking X is zes weken, met de mogelijkheid van verdaging van nog eens twee weken. Bij de ontvangst van de aanvraag wordt geconstateerd dat die onvolledig is. Daarom biedt het bestuursorgaan de aanvrager de mogelijkheid de aanvraag binnen vier weken aan te vullen. Dertien dagen later maakt de aanvrager van die mogelijkheid gebruik. Met die termijn wordt de beslistermijn opgeschort.

Dan verloopt de procedure als volgt:

• 1 oktober: indiening aanvraag (einde termijn: 1 oktober + 6 weken = 12 november)

• 4 oktober: bestuursorgaan biedt de gelegenheid aan te vullen

• 17 oktober: ontvangst aanvulling

• opschorting beslistermijn: 12 november + 13 dagen = 25 november.

Het bestuursorgaan heeft tot en met 25 november de tijd om de oorspronkelijke beslistermijn te verdagen. Als op 25 november geen beschikking is genomen én niet is verdaagd, is in dit voorbeeld sprake van niet tijdig beslissen. Is wel tijdig verdaagd, dan wordt de beslistermijn met maximaal twee weken verlengd. Het bestuursorgaan heeft dan tot 9 december de tijd om te beslissen. Na 9 december is sprake van niet tijdig beslissen.

Regeling
Circulaire Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen (algemene versie)
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-03-2019
BWB-id
BWBR0042024
Versie
2019-03-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl